Tjeu Lemmens
Dit debat werd gehouden op 26 mei, op initiatief van Jesse Klaver (Progressief Nederland), die ook de aftrap gaf. Hij begon met het opsommen van enkele incidenten tijdens demonstraties, die volgens hem geen incidenten mogen heten: “Dit is extreemrechts politiek geweld.” Hij schuwde het gebruik van oorlogstaal niet: een opvanglocatie voor kinderen werd “aangevallen met een explosief”. In Leeuwarden wapperde de Prinsenvlag (oranje-wit-blauw, o.a. vroeger gebruikt door de NSB) en bracht iemand een Hitlergroet.
Lidewij de Vos (FVD) legde in haar debatbijdrage uit dat een grote meerderheid van de Nederlanders zich door de komst van azc’s in hun directe omgeving terecht zorgen maakt over hun veiligheid. Zij constateerde dat het criminaliteitspercentage onder asielzoekers onevenredig hoog is. “Nederlanders willen geen azc, omdat ze niet willen dat hun kind het volgende slachtoffer is. Ze hebben groot gelijk.” Ook somde De Vos enkele oplossingen op voor dit ontwrichtende, sociale probleem: “De Spreidingswet van tafel. Uit het Vluchtelingenverdrag en de EU. Instroom naar nul. Criminele migranten uitzetten. Mensen die hier niet aarden, aanmoedigen om terug te keren.”
Deze oplossingen voor de asielcrisis schoten de fractievoorzitters van de gevestigde partijen nogal in het verkeerde keelgat. De meest venijnige aanval werd uitgevoerd door Klaver. Hij ontkende dat burgers last zouden hebben van de asielzoekersinstroom. Dat zou volgens hem blijken uit tal van onderzoeken. Naast ontkenning van de ernst van het probleem, bestond zijn debattactiek vooral uit het uitvergroten van het geweld tijdens rellen. Hij wees daarbij naar FVD als aanstichter van dat geweld. “Dit is een gevolg van het onafgebroken ophitsen door extreemrechtse groeperingen”, aldus Klaver.
De termen ‘omvolking’ en ‘remigratie’ bleken de grote taboewoorden te zijn van de gevestigde partijen. Klaver noemde omvolking een actieve theorie met een naziverleden, een theorie die een gevaar vormt voor onze democratie. “Dit is extreemrechts en daarvoor is in Nederland geen plek.” Klaarblijkelijk vindt hij het geoorloofd om FVD te brandmerken als extreemrechts, met het doel de partij monddood te maken. Dat blijkt uit het feit dat hij op de dag van het debat een motie van die strekking indiende. Hierin verzocht hij de regering geen akkoorden te sluiten met politici die oproepen tot geweld tegen vluchtelingen of de omvolkingstheorie verspreiden. In zijn motie verwees hij naar de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), met name bij zijn waarschuwing dat het verspreiden van ideeën over omvolking en remigratie bijdraagt aan het normaliseren van extreemrechts gedachtegoed. De motie werd aangenomen; 101 Kamerleden stemden voor, 49 tegen.
Op het eerste gezicht leken de debatten een absurdistisch schouwspel, een zwarte komedie, waarbij de fractievoorzitters van de partijen die voor deze motie stemden, achter de interruptiemicrofoons stonden alsof zij deel uitmaakten van een standrechtelijk executiepeloton, terwijl zij de FVD-fractievoorzitter met verbaal vuurwerk bekogelden. De debatten waren echter allerminst theater. Zij waren doordrenkt van een perverse (on)logica, die na enig wroeten zichtbaar wordt; dan komt een wetsontwerp tevoorschijn waarvan het laatste gedeelte van de titel luidt “regels met betrekking tot het toezicht op en het verbieden van politieke partijen”.
Deze in ontwikkeling zijnde wet – kortweg: Wet op de politieke partijen (Wpp) – werd ruim een jaar geleden, op 12 mei 2025, ingediend bij de Tweede Kamer. Een jaar later wees Pieter Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, in een brief van 22 mei 2026 de Tweede Kamer op de importantie van deze wet: “Dit wetsvoorstel is van groot belang, omdat het beoogt de onafhankelijke positie van politieke partijen te versterken en de weerbaarheid van de democratische rechtsstaat te bevorderen.” Na doorspitten van dit wetsvoorstel wordt duidelijk dat het Tweede Kamerdebat focuste op het brandmerken van FVD als een staatsgevaarlijke partij. Daarbij werd een geraffineerd draaiboek gevolgd, met als vilein doel FVD de toegang tot de Eerste en Tweede Kamer te ontzeggen.
Volgens recente peilingen zou FVD stijgen van de huidige 7 zetels in de Tweede Kamer naar 16, terwijl het aantal zetels van CDA en VVD, die samen met D66 het minderheidskabinet-Jetten vormen, zou dalen naar nagenoeg hetzelfde aantal. Kennelijk ziet de oude macht de groeiende FVD-aanhang als een bedreiging voor het eigen voortbestaan. Die insteek wordt echter verhuld door een beeld te schetsen waarin FVD vanachter een fatsoenlijke façade het Nederlandse volk zou misleiden, met het oogmerk de democratie te vermorzelen en het ‘extreemrechtse’ gedachtegoed breed te verspreiden. De fractievoorzitters van twee kleinere partijen verwoordden die verhulde insteek op de meest uitgesproken wijze: “Wanneer er veel onzekerheid in de samenleving is, worden mensen vatbaar voor dit soort Rattenvangers van Hamelen, want dat zijn het in feite”, aldus Jimmy Dijk (SP). Mirjam Bikker (CU) stelde onomwonden: “Het is een ideologie die een land kapot maakt en die niet gericht is op goed samenleven. Dat hebben we uit het verleden geleerd en dat vergt onze uiterste waakzaamheid.”
Aan de Wpp, waaraan uitgebreid aandacht is besteed in GV #80, heeft een team van gespecialiseerde juristen vier jaar gesleuteld. Artikel 139 richt zich op het verbieden van politieke verenigingen: “Een politieke vereniging wordt door de Hoge Raad op verzoek van de procureur-generaal bij de Hoge Raad verboden verklaard en ontbonden, indien die vereniging door haar doelstellingen of werkzaamheden een daadwerkelijke en ernstige bedreiging vormt voor de grondbeginselen van de democratische rechtsstaat.” Vervolgens wordt een niet-limitatieve opsomming gegeven van wat dient te worden verstaan onder die grondbeginselen. Deze beperkte opsomming kan leiden tot rechterlijke willekeur.
Het wetsvoorstel voorziet in de oprichting van een zelfstandig bestuursorgaan – de Nederlandse autoriteit politieke partijen (Napp) – dat de uitvoering en naleving van de wet controleert door middel van het verzamelen van informatie. De Napp, die per 1 januari 2028 operationeel moet zijn, is verplicht de procureur-generaal op diens verzoek alle beschikbare inlichtingen en documenten te overhandigen. Wanneer deze oordeelt dat de gewraakte partij een ernstige bedreiging vormt voor de democratische rechtsstaat, dient hij/zij een aanklacht in bij de Hoge Raad. Wanneer die bepaalt dat de aanklacht gegrond is, wordt de partij ontbonden.
Minister-president Jetten onderstreepte de noodzaak van het invoeren van de Wpp. “De woorden van politici hebben rechtstreeks effect op wat er op straat gebeurt”, zo stelde hij in zijn pleidooi, “en wanneer politici oproepen tot verzet, hitsen ze daarmee burgers op”. Waarop hij liet volgen dat ‘omvolking’ geen gewone term is, maar “een term die rechtstreeks uit de donkerste periode van Europa afkomstig is en dat soort taal hoort niet thuis in ons politiek debat”.
Niet alleen Klaver diende op 26 mei een motie in, maar ook De Vos. In haar motie constateerde zij “dat asielzoekers tien keer vaker verdacht worden van vernielingen dan autochtonen, veertig keer vaker van diefstal en dat mannen uit asielherkomstlanden tot twintig keer vaker verdacht worden van seksuele misdrijven. De massale immigratie heeft dus geleid tot een toename van criminaliteit en geweld in onze samenleving en de Nederlanders zijn de dupe van deze criminaliteits- en geweldstoename.” Vervolgens verzocht zij de regering te bewerkstelligen dat procedures van asielzoekers die misdrijven plegen worden beëindigd en dat de status van statushouders die misdrijven plegen wordt ingetrokken. De uitslag van de stemming was nagenoeg het spiegelbeeld van de motie Klaver. De FVD-motie werd verworpen (51 stemmen voor en 99 tegen). 50Plus met twee zetels stemde voor beide moties. De stemresultaten van motie Klaver en motie De Vos leiden tot de conclusie dat de belangen van de eigen bevolking voor het parlement en de regering op de laatste plaats komen.
In de debatten verwezen ministers en kamerleden herhaaldelijk naar de NCTV, onder andere dat deze veiligheidsdienst waarschuwt dat extreemrechts van plan is om hun gedachtegoed te verspreiden, de ideeën over een ‘witte etnostaat’ te normaliseren en de weerstand daartegen zoveel mogelijk de kop in te drukken. Op de NCTV-website staat een zin die in velerlei variaties door de fractievoorzitters van de gevestigde partijen werd herkauwd: “Rechts-extremisten propageren daarbij de omvolkingscomplottheorie; deze beschrijft immigratie van vooral moslims en personen met een donkere huidskleur als een bewuste en planmatige demografische aanval door een joodse en/of linkse elite op de oorspronkelijke witte bevolking van Europa.” Kennelijk is de NCTV de souffleur van onze regering en ons parlement.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via