Jeroen van den Berg
Het VK beschikte over Hongkong als de ideale plek van waaruit het de revolutionaire ondermijning in China kon ontwikkelen. Gedurende de Koude Oorlog groeide het uit tot een van de belangrijkste spionagenesten ter wereld. Inlichtingendiensten, georganiseerde misdaad en geopolitieke machtspolitiek waren nauw met elkaar verweven. De stad was voor de Britten uniek, omdat het vrijwel de enige plaats ter wereld was waar Chinese functionarissen, zakenlieden, vluchtelingen, diplomaten, journalisten en buitenlandse handelaren elkaar dagelijks ontmoetten. Terwijl de spionnen van MI6 in Beijing nauwelijks bewegingsvrijheid hadden, konden zij in Hongkong relatief vrij opereren. Via vluchtelingenverhoren, handelsgegevens, scheepsbewegingen, financiële transacties en persoonlijke contacten ontstond een gedetailleerd beeld van de politieke en economische ontwikkelingen op het Chinese vasteland.
Een cruciale rol werd gespeeld door de ‘Special Branch’ van de Royal Hong Kong Police. Deze afdeling was verantwoordelijk voor binnenlandse veiligheid, contraspionage en politieke observatie. Het vormde de lokale veiligheids- en inlichtingenstructuur waarmee MI6 innig samenwerkte en was daardoor een essentieel onderdeel van de Britse inlichtingenstructuur in Azië. De belangrijkste taak was het verzamelen van informatie over China. Ze volgden niet alleen de activiteiten van de Chinese Communistische Partij, maar ook die van de Chinese Nationalistische Partij (Kuomintang).
De geheime politiedienst in Hongkong hield uitgebreide dossiers bij van duizenden personen. Vakbonden, studentenorganisaties, journalisten, activisten en politieke groeperingen werden stelselmatig geobserveerd. Veel medewerkers opereerden onder de radar en hun werkzaamheden werden nauwelijks publiekelijk besproken. Het hoofdkwartier bevond zich onder meer bij het Victoria Road Detention Centre, een locatie die later een bijna mythische reputatie kreeg binnen de Hongkongse veiligheidswereld. Achter de gesloten deuren van het complex werden vermoedelijke spionnen, politieke activisten en Chinese overlopers ondervraagd. Door de grote mate van geheimhouding groeide het centrum uit tot een van de meest mysterieuze en beruchte locaties binnen het Britse inlichtingenapparaat in Azië. In de jaren tachtig bestond ongeveer 70% van de hogere leiding aldaar uit Britse expats.
De invloedrijke criminele Triad-netwerken vormden voor de Britse veiligheidsdiensten een bron van informatie en mogelijkheden voor politieke manipulaties. De Triads zijn georganiseerde criminele netwerken die hun oorsprong hebben in oude Chinese geheime genootschappen. Hun geschiedenis gaat terug tot de zeventiende en achttiende eeuw, toen de anti-Mantsjoe- en anti-Qing-verzetsgroepen ontstonden. De naam Triad werd in de negentiende eeuw door Britse autoriteiten gebruikt voor Chinese geheime genootschappen die een driehoekig symbool gebruikten, vaak verwijzend naar hemel, aarde en mens. Een bekende historische voorloper was de Heaven and Earth Society (Tiandihui), die zich verzette tegen de Qing-dynastie.
In de loop van de negentiende en twintigste eeuw ontwikkelden veel van deze groepen zich tot criminele organisaties, die zich bezighielden met afpersing, prostitutie, illegaal gokken, smokkel, drugshandel, mensenhandel, namaakproducten en het witwassen van geld. Na de communistische revolutie van 1949 vluchtten veel Triad-leden naar toenmalig Brits Hongkong, Macau en Taiwan. Nog altijd reizen Triad-leden regelmatig heen en weer tussen Hongkong, Macau, Taiwan en verschillende gebieden op het Chinese vasteland. Zij beschikken over contacten in grensregio’s en hebben toegang tot informele handelsroutes die buiten het bereik van de reguliere autoriteiten liggen. Zij beschikken over een ongeëvenaard complex netwerk van contacten binnen Chinese gemeenschappen, havens, grensgebieden en handelsroutes. Tegenwoordig zijn veel activiteiten verschoven naar cybercriminaliteit, online fraude, casino-gerelateerde witwasconstructies, vastgoed, grensoverschrijdende financiële netwerken en illegale online gokplatforms.
Een opvallende episode, waarin de belangen van de Triads en de Britse inlichtingendienst elkaar kruisten, speelde zich af in de nasleep van de gebeurtenissen op het Tiananmen-plein in 1989. Het gangbare westerse narratief hierover wijkt compleet af van wat er daadwerkelijk gebeurde. Er is ten onrechte de indruk gewekt dat op het plein zelf een grootschalig bloedbad heeft plaatsgevonden, terwijl ooggetuigenverklaringen, diplomatieke rapporten en latere journalistieke reconstructies aangeven dat dit niet de realiteit was, maar immense propaganda. Dit onjuiste beeld van het geweld op het Tiananmen-plein is door westerse regeringen en media misbruikt om China internationaal te isoleren en te bekritiseren.
Nadat de Chinese autoriteiten lijsten hadden opgesteld van gezochte studentenleiders, intellectuelen en activisten, ontstond vanuit Hongkong een uitgebreid clandestien netwerk dat bekend werd onder de naam Operation Yellowbird. Dit was geen spontane humanitaire actie, maar een zorgvuldig georganiseerde geheime operatie, waarbij verschillende groepen samenwerkten. Hongkongse zakenlieden, democratieactivisten, advocaten, diplomaten, leden van de Triads en Britse inlichtingendienst waren betrokken bij het opzetten van ontsnappingsroutes voor gezochte dissidenten. Via de smokkelnetwerken die al jarenlang werden gebruikt voor illegale handel werden activisten vanuit Zuid-China naar Hongkong gebracht. Daarbij werd gebruikgemaakt van vissersboten, geheime schuilplaatsen, vervalste documenten en een netwerk van tussenpersonen, aan beide zijden van de grens.
Toen duidelijk werd dat Hongkong in 1997 zou worden overgedragen aan China, ontstond er binnen de Britse veiligheidsdiensten grote bezorgdheid over de omvangrijke archieven die daar gedurende tientallen jaren waren opgebouwd. De Special Branch beschikte over dossiers over dissidenten, informanten, Chinese functionarissen, zakenmensen en vermoedelijke agenten van buitenlandse mogendheden. In de jaren voorafgaand aan de overdracht werden grote hoeveelheden documenten vernietigd, of naar Groot-Brittannië overgebracht. Britse functionarissen vreesden dat gevoelige informatie over informanten, geheime operaties en inlichtingenmethoden in handen van Beijing zou vallen. Ook bestond de angst dat Chinese autoriteiten historische netwerken zouden kunnen blootleggen en voormalige bronnen of medewerkers zouden identificeren.
De militaire slagkracht van een tegenstander wordt in dit verband niet gezien als de grootste bedreiging, maar wel diens vermogen om bevolkingsgroepen, politieke stromingen, etnische gemeenschappen en maatschappelijke organisaties tegen elkaar uit te spelen. De protesten in Hongkong in 2014 en 2019 passen in een breder patroon, waarbij buitenlandse netwerken, media, ngo’s en inlichtingendiensten maatschappelijke onvrede proberen te kanaliseren richting politieke confrontatie. Deze benadering is bij uitstek de werkwijze van de Britse inlichtingendiensten. Al sinds de koloniale periode gold het Britse rijk als een meester in het toepassen van verdeel-en-heersstrategieën, waarbij rivaliserende groepen tegen elkaar werden uitgespeeld. In de hedendaagse Chinese veiligheidsdoctrine wordt die traditie doorgetrokken naar het informatietijdperk, waarin sociale media, activistische netwerken, informatiecampagnes en psychologische beïnvloeding worden gezien als moderne instrumenten om de maatschappelijke cohesie te ondermijnen.
Onder leiding van de Chinese president Xi Jinping staat de bestrijding van de georganiseerde misdaad en corruptie hoog op de agenda. Sinds hij in 2012 aan de macht kwam, lanceerde hij een van de grootste anti-corruptie- en veiligheidsprogramma’s uit de moderne Chinese geschiedenis. Daarbij richtte hij zich niet alleen op corrupte partijfunctionarissen, maar ook op georganiseerde misdaadgroepen. Belangrijk is het zogenoemde Document Nummer 9, dat in 2013 binnen de partij werd verspreid. In dit document wordt gewaarschuwd tegen zeven westerse invloeden, waaronder constitutionele democratie, universele mensenrechten, een onafhankelijke pers, burgermaatschappij en neoliberale economische ideeën. Volgens Xi vormen dergelijke concepten geen neutrale politieke ideeën, maar instrumenten waarmee buitenlandse machten de legitimiteit van de Communistische Partij proberen te ondergraven. Het bestrijden van deze invloeden werd daarom een kerntaak.
Een belangrijk keerpunt was een landelijke campagne, die in 2018 begon. Daarbij werden duizenden criminele organisaties aangepakt en werd expliciet gezocht naar lokale partijfunctionarissen, politieagenten of bestuurders die criminelen beschermden. In 2021 ontmoette Xi persoonlijk functionarissen die waren onderscheiden voor hun strijd tegen georganiseerde misdaad. Daarbij werd aangekondigd dat deze aanpak permanent onderdeel moest worden van het Chinese bestuurssysteem. De recente zuiveringen binnen de Chinese krijgsmacht van o.a. de zeer invloedrijke generaal Zhang Youxia hielden niet uitsluitend verband met corruptie, maar ook met informatielekken richting buitenlandse inlichtingendiensten. Met name rond de Chinese legerdivisie Rocket Force waren belangrijke aanwijzingen dat gevoelige militaire gegevens aan het Westen waren doorgespeeld.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via