Skip to main content Scroll Top

Leven zonder digitale sporen achter te laten kan niet. Maar met de EUDI-wallets worden het er veel minder

147 Leven zonder digitale sporen achter te laten kan niet Maar met de EUDI wallets worden het er veel minder
Leven zonder digitale sporen achter te laten kan niet. Maar met de EUDI-wallets worden het er veel minder

Patrick Savalle

Iedereen die het internet gebruikt, heeft een digitaal profiel: de som van alle sporen die we achterlaten. Meerdere zelfs. Die worden zonder onze toestemming gemaakt: techbedrijven volgen ons in ons digitale leven en voegen alles wat we doen samen tot een beeld dat ons steeds beter voorspelt. Overal waar ze ons kunnen identificeren, kunnen ze dat profiel gebruiken om ons gericht te beïnvloeden of de toegang te ontzeggen. De EUDI-wallets, een door de EU ingestelde verordening, zijn gemaakt om ons daar veel minder kwetsbaar voor te maken: we identificeren ons daarmee bij elke dienst onder een ander, niet te correleren pseudoniem. Wie zo het internet op gaat, is veel moeilijker te volgen en te profileren. Tegen de achtergrond van de campagnes die alternatieve media en politiek voeren tegen wat zij het Europese Digitale Paspoort noemen, is dat een controversiële stelling. Dit artikel is geschreven om te laten zien dat ze zich vergissen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Neem een jaarabonnement en ontvang de meest kritische en onafhankelijke kijk op actuele onderwerpen.
U krijgt na uw bestelling direct online toegang tot alle uitgaven.

Google bouwt zo’n profiel van ons. Meta doet het. Microsoft doet het ook. En zo zijn er nog tientallen, waarschijnlijk honderden andere partijen die (delen van) onze digitale sporen toevoegen aan het profiel dat zij van ons hebben. Dankzij WikiLeaks en Snowden weten we bovendien dat ook overheden en inlichtingendiensten op grote schaal dit soort door ons op het internet achtergelaten gegevens verzamelen en analyseren.

Zo’n profiel gaat veel verder dan een naam: apparaten, IP-adressen, cookies, advertentie-ID’s, interesses, zoekgedrag, klikgedrag, locatie, aankopen en contacten. Met die data kunnen AI’s en algoritmen ons gedrag beïnvloeden: ons koopgedrag, maar ook onze voorkeuren en keuzes. We hebben dat meestal zelf niet in de gaten.

Hier zit het punt dat in de nu warmgelopen discussie vaak wordt gemist. Een profiel is pas iets waard als het aan een persoon vastzit, en dat is wat digitale identificeerbaarheid doet: het is de manier waarop een partij ons herkent en het profiel weer aan ons koppelt. Een Google-account, een advertentie-ID, een cookie, een telefoonnummer – ze doen allemaal hetzelfde. De wallet introduceert dus geen digitale identiteit; we hebben al lang tientallen digitale profielen, en niet één ervan hebben we zelf gekozen. Grote platforms houden profielen van miljarden mensen bij. Diezelfde infrastructuur kan ook voor diverse vormen van controle worden misbruikt. En dat gebeurt ook al.

Wanneer dezelfde partij ons profiel bezit en tegelijkertijd de digitale toegangspoort beheert, ontstaat functioneel een social-credit-systeem. Google, Meta en Microsoft kunnen hun social-logins blokkeren, diensten beperken, content verwijderen of de zichtbaarheid ervan aanpassen op basis van regels, classificaties en algoritmen. Dit zijn letterlijk social-credit-systemen die overheden per direct zouden kunnen misbruiken met een enkele noodwet.

De Wob/Woo-documenten over de Covid-periode lieten zien hoe intensief overheden en platforms samenwerkten rond informatie, content en gedragsbeïnvloeding. Tegelijk bepaalde een digitale gezondheidsstatus wie mocht reizen of ergens aan deelnemen. Digitale identiteit werd zo niet alleen gebruikt om te weten wie iemand is en wat iemand doet, maar ook om te bepalen wat iemand wel of niet mocht doen. Dat is precies de ontwikkeling waar we ons zorgen over moeten maken: wanneer identiteit, profiel en toegangsrechten steeds meer in dezelfde handen terechtkomen.

Juist daarom zijn wallets die op de EUDI-standaard zijn gebouwd interessant. Ze halen de herkenbaarheid van ons weg bij de partij die ook het profiel en de toegangspoort beheert, en leggen haar bij de gebruiker van de wallet. Wie zich met een wallet-pseudoniem aanmeldt, is niet meer aan zijn profiel te koppelen – en zonder die koppeling is er niets meer om gericht te beïnvloeden of dicht te zetten.

Hoe dat werkt: EUDI is geen app maar een standaard, een protocol dat de digitale identiteit decentraliseert naar de gebruiker, met dataminimalisatie en user control als kern. Decentraal is belangrijk want daarmee loopt onze herkenbaarheid niet via centrale databases of servers. Gebruiker control zegt het al: wij bepalen zelf wie echte gegevens ziet, wie alleen een niet-herleidbaar cryptografisch bewijs ziet, en wie alleen een pseudoniem. Dat maakt tracking en profilering door het aan elkaar koppelen van herkenningsmiddelen aanzienlijk moeilijker.

Vergelijk het met SMTP, het protocol achter e-mail: geen centrale dienst, maar een gemeenschappelijk raamwerk waarmee systemen samenwerken. Er is dus geen centrale EU-database en geen centrale EU-wallet. Zoals er tientallen mailprogramma’s zijn die SMTP spreken, komen er tientallen wallets die EUDI spreken: apps waarin de gebruiker zelf zijn gegevens beheert en per dienst bepaalt wat hij deelt. Een medisch dossier of aankoopgedrag komt niet vanzelf, of per ongeluk, in de wallet en er zit ook geen geld in, ondanks dat het een wallet heet.

De Europese Commissie kondigde de wallet aan op 16 september 2020, in de State of the Union, en deed het formele voorstel op 3 juni 2021. EUDI verhult geen nieuwe ambitie om burgers te registreren, maar is in de eerste plaats een reparatie van het eerdere eIDAS-raamwerk. Onder eIDAS, uit 2014, hadden destijds slechts veertien van de zevenentwintig lidstaten een eID-stelsel aangemeld, en dat werkte alleen bij overheidsdiensten, niet bij de bank of een webwinkel.

Het uitgesproken doel van de EUDI-wallet is drieledig. Een enkel identiteitsmiddel per lidstaat dat in alle lidstaten wordt geaccepteerd, zodat de interne markt ook digitaal een aaneengesloten markt wordt, en digitale frictie afneemt. Verder burgers met digitale soevereiniteit die per transactie zelf kunnen bepalen wat ze delen. En tenslotte wat de Commissie ‘technologische autonomie’ noemt: Europese bedrijven moeten wereldwijd kunnen concurreren, en digitale herkenbaarheid mag niet onnodig afhankelijk worden van commerciële inlogdiensten.

147 Leven zonder digitale sporen achter te laten kan niet Maar met de EUDI wallets worden het er veel minder

De EUDI-wallets zoals ze nu worden uitgerold, zijn dus geen centrale toegangspoort tot het internet en geen onderdeel van een social-credit-systeem. Niets in het ontwerp wijst op controle als doel. Integendeel, zoals hierboven is uitgelegd zijn belangrijke onderdelen van het ontwerp juist gericht op data-minimalisatie, decentralisatie en beheer door de gebruiker. De wallet is voor burgers vrijwillig. Bepaalde publieke en private diensten moeten hem wel accepteren.

Maar wat niet is, kan nog komen. Wetgeving kan worden aangepast en overheden kunnen nieuwe verplichtingen opleggen. De architectuur maakt het echter niet eenvoudig om de wallet ineens tot controlesysteem om te vormen. EUDI is een gedistribueerd ecosysteem van wallet-providers, identity-providers, websites en dienstverleners die volgens gemeenschappelijke standaarden samenwerken. Een fundamentele wijziging is dus geen schakelaar, maar vraagt aanpassingen in regelgeving, standaarden en de software en processen van tienduizenden organisaties. Zo’n omslag kan niet ongemerkt plaatsvinden en zou lang duren. Om dezelfde reden is het in veertig jaar niemand gelukt van e-mail een controlesysteem te maken: niemand bezit het. Een slechte wallet is een reden om van wallet te wisselen, zoals je van mailprogramma wisselt – niet om aan de standaard te twijfelen. Dat is ook waarom men in de Covid-tijd niet het eID-stelsel ombouwde maar een losse QR-code uitdeelde: dat ging sneller.

Bovendien hoeven we niet lijdzaam toe te kijken. Wie de technologie begrijpt, kan gericht passief verzet plegen tegen misbruik en ‘function creep’. Het risico zit niet alleen bij de overheid, maar eerder bij private platforms. De wallet maakt gegevens opvragen nog makkelijker – frictie wegnemen is waar internettechnologie voor is – en hoe makkelijker het wordt, hoe groter de verleiding steeds meer te verzamelen.

Function creep begint zelden met een wetswijziging, maar met een extra veld dat niemand betwist. De wet geeft ons daar twee handvatten tegen. Elke website die iets uit een wallet wil opvragen, moet zich vooraf registreren en opgeven welke gegevens het vraagt en waarom. En de wallet houdt een logboek bij van elke uitwisseling – wie, wanneer, wat gevraagd, wat gedeeld.

Passief verzet begint met weten wat er kan. Een dienst hoeft ons alleen te kennen onder een pseudoniem en de gegevens die hij echt nodig heeft. De webshop kent alleen ons pseudoniem en onze aankopen, de vervoerder alleen ons adres, de betaaldienst alleen onze betaalgegevens. Elke partij krijgt haar gegevens rechtstreeks uit onze wallet, nooit via een andere partij. Het register laat zien wie wat vraagt, het logboek laat zien wat we hebben gegeven. Wie diensten kiest die het minst vragen, laat vanaf nu minder sporen achter – en dat is precies wat de wallet toevoegt aan het internet.

– einde artikel –

Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand

Volg ons op social media

Kijk en beluister Gezond Verstand via

X


Dit artikel is alleen voor abonnees
Login als abonnee of abonneer je om onbeperkt alle artikelen te lezen.
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Neem een jaarabonnement en ontvang Gezond Verstand 24 thuis.
U krijgt na uw bestelling direct online toegang tot alle uitgaven.

Gerelateerde berichten

Loading...
Privacybeleid
Wanneer u onze website bezoekt, dan kan deze informatie via je browser opslaan voor specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hieronder kunt je je privacyvoorkeuren wijzigen. Houd er rekening mee dat het blokkeren van cookies van invloed kan zijn op je ervaring op onze website en de diensten die we aanbieden.