Skip to main content Scroll Top

De Europese ID-wallet hoeft geen infrastructuur van tirannie te worden

145 De Europese ID wallet hoeft geen infrastructuur van tirannie te worden
De Europese ID-wallet hoeft geen infrastructuur van tirannie te worden

Patrick Savalle

Over de Europese digitale identiteit wordt veel geschreven, maar er wordt weinig van begrepen. Voorstanders presenteren de EUDI-wallet als een handige app, tegenstanders als de digitale enkelband van een aanstaand social-credit-systeem. Wat opvalt: vrijwel niemand van degenen die alarm slaan – hoe terecht de waakzaamheid ook is – lijkt te begrijpen hoe de technologie ervan werkelijk werkt. En dat is jammer, want wie de techniek wel begrijpt, ziet een uitzonderlijk goed ontworpen systeem, dat echte alledaagse problemen oplost. Er is echter ook een gevaar. Alleen zit dat niet naar waar iedereen kijkt – niet in de app, niet in de code – maar in de afspraken eromheen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Neem een jaarabonnement en ontvang de meest kritische en onafhankelijke kijk op actuele onderwerpen.
U krijgt na uw bestelling direct online toegang tot alle uitgaven.

Een EUDI-wallet is een app op iemands telefoon, met maar één taak. Men bewijst er alleen mee – vaak zonder daarbij persoonlijke gegevens prijs te hoeven geven – dat wat men beweert klopt. Achter de schermen werkt dat met cryptografie. Men deelt geen kopie van persoonlijke gegevens, maar een wiskundig bewijs, vaak onder een pseudoniem. Zo kan men aantonen dat men ouder is dan 18 jaar, zonder een geboortedatum te delen. Men bepaalt telkens wat de ander te zien krijgt. Men kan ermee inloggen op websites, een bankrekening openen, een simkaart registreren en rechtsgeldig contracten ondertekenen. Vaak ziet een platform alleen een pseudoniem, dat niet te koppelen valt aan iemands pseudoniemen elders.

De EUDI-wallet is op zichzelf geen app, maar een open standaard voor apps. Er bestaat een EU-referentie-implementatie en elke lidstaat maakt een eigen wallet – in Nederland de NL-wallet.

De problemen die het oplost beginnen bij het inloggen. De gemiddelde mens heeft honderden accounts en een handjevol wachtwoorden die overal opnieuw gebruikt worden: één lek bij één dienst, en de rest ligt open. De ‘makkelijke’ uitweg, bestaande uit inloggen met Google, Apple of Facebook, kwam ten koste van een prijs die de meeste mensen nooit bewust hebben betaald: die partijen zien nu overal waar men binnenkomt. De inlogknop wordt dan een verrekijker, waarmee een paar Amerikaanse bedrijven meekijken met iemands digitale leven.

Dan de identificatie zelf. Wil je een bankrekening openen, of je leeftijd bewijzen, dan lever je doorgaans een volledige kopie van je eigen paspoort in – met alles erin: documentnummer, geboorteplaats, pasfoto. Elke partij die zo’n kopie ontvangt, wordt een nieuw doelwit. Je persoonlijke gegevens liggen verspreid over honderden databases, en elk daarvan kan gehackt worden. De grote datalekken van de afgelopen jaren laten precies dit probleem zien: teveel gegevens, op teveel plekken en te makkelijk te kopiëren.

De EUDI-wallet draait dat om, door geen tussenpartij te zijn die logins verzamelt, maar bewijzen, die rechtstreeks van de persoon naar de dienst gaan, en zal niet meer prijsgeven dan strikt nodig is.

In de wallet bewaart men de basisidentiteit (naam, geboortedatum, nationaliteit) en officiële documenten: rijbewijs, paspoortgegevens, diploma’s, verzekerings- of zorgpas, en kleinere bewijzen, zoals tickets en lidmaatschapskaarten. Dat is natuurlijk een potentiële schatkist voor hackers en overheden. Dus daar zijn beveiligingen tegen ingebouwd. Documenten zitten vast aan de eigen telefoon. Ze zijn niet te lezen zonder het toestel waaraan ze oorspronkelijk werden toegevoegd, en dus niet te kopiëren naar een ander toestel. Elk gebruik verloopt rechtstreeks van de eigen telefoon naar de dienst. Overheden kunnen niet zomaar meekijken waar men inlogt en wat daar gedeeld wordt.

De wallet kan alleen worden ingetrokken door de wallet-provider. Soms is dat nodig, bijvoorbeeld als iemands ontgrendelde telefoon gestolen wordt. Die provider kan de overheid zijn (zoals bij de NL-wallet) of een gecertificeerde private partij. Kiest men privaat, dan kan de overheid de wallet niet uitschakelen, alleen haar eigen documenten intrekken. Men is nergens toe verplicht, men hoeft de wallet niet te gebruiken.

Tegenstanders vrezen vooral dat de EUDI-wallets onderdeel worden van een social-credit-systeem. Een dergelijk systeem vereist twee dingen: observaties en toegangscontroles. Beide vereisen kennis van de identiteit, en dat is precies wat de wallet levert.

In de wallets zit op geen enkele manier een social-credit-systeem ingebouwd, maar de wallet is wel een identiteitslaag; identiteit is de bouwsteen die zo’n systeem nodig heeft. Dat de wallet decentraal en neutraal is, sluit misbruik niet uit. Er bestaan bijvoorbeeld kortlevende credentials, die wél een aanroep naar een achterliggend systeem vergen.

145 De Europese ID wallet hoeft geen infrastructuur van tirannie te worden

Het echte probleem is echter van andere aard: over-identificatie. Wanneer identificeren zo makkelijk wordt – omdat straks iedereen een wallet heeft – dan zal een webshop, forum of platform geen genoegen meer kunnen nemen met een enkel e-mailadres. Elke partij afzonderlijk heeft een klein, verdedigbaar belang bij “even zeker weten wie u bent”. Op papier zit hier een rem op: een dienst moet vooraf opgeven welke gegevens nodig zijn. Maar die opgave is grotendeels zelf-gerapporteerd, en niets verbiedt een dienst om identificatie te vragen waar vroeger niets nodig was. De sociale druk doet de rest: wie weigert, lijkt iets te verbergen. Zo ontstaat over-identificatie; niet door een kwaadaardig plan, maar door duizend losse, redelijk klinkende beslissingen, wat het lastig maakt om het te stoppen.

De wet duwt hieraan mee, met een tweesnijdend zwaard: Europa verplicht grote platforms en banken de wallet te accepteren. Bedoeld als bescherming van de burger, maar zodra vrijwel elke dienst de wallet accepteert, wordt niet meedoen de afwijking.

Het venijnige is, dat dit precies het tegenovergestelde vertegenwoordigt van wat de wallet belooft. Het ontwerp minimaliseert wat men kan delen; de praktijk bepaalt wat men moet delen. Of de wallet de privacy vergroot of juist uitholt, hangt dus niet af van de gebruikte cryptografie, maar van de vraag of we het normaal zullen gaan vinden om overal wie-je-bent op tafel te leggen.

Kan een overheid de wallet ooit omzetten tot instrument van een social-credit-systeem? In ieder geval niet door stiekem een scoreteller in de app te verstoppen. Zo werkt het technisch niet, en het zou niet lang onopgemerkt blijven: de code is open source en elke wallet moet gecertificeerd zijn, dus een kwaadaardige wijziging is zichtbaar en moet opnieuw langs de keuring. Een score ‘op de wallet zetten’ is het verkeerde beeld. De wallet is een sleutel, niet een scorebord.

Het scorebord zou ergens anders moeten staan. Een social-credit-systeem moet twee dingen kunnen: zien wat mensen doen, en straffen uitdelen. De wallet levert geen van beide uit zichzelf, maar wél de twee hefbomen waarop zo’n systeem draait. De observatie ontstaat, zodra iemand aan de dienstenkant ‘aggregeert’ wie zich waar identificeert – over-identificatie maakt dat alleen maar makkelijker. En de strafknop bestaat al, want de wallet-provider kan de wallet intrekken. Bij een overheids-wallet als de NL-wallet is dat de overheid zelf, die vaak ook je identiteit uitgeeft én bij haar eigen diensten de tegenpartij is waar men inlogt.

Bovendien is er sprake van een derde hefboom, de stilste: adoptie. Zolang de wallet vrijwillig is, kan men weglopen als het instrument van karakter verandert, maar zodra iedereen hem feitelijk moet gebruiken, omdat er anders overal gesloten deuren wachten, is er nog maar één wet nodig om de spelregels te wijzigen. De vrijwilligheid die het systeem nu verdedigbaar maakt, is dan al ingeleverd, en niemand heeft er ooit voor hoeven stemmen.

Daarom zijn “de technologie is heel bruikbaar” en “het kan gevaarlijk worden” allebei waar, zonder tegenspraak. De techniek beschermt – minimale onthulling, geen centraal logboek, decentrale uitwisseling van telefoon naar website. Maar geen enkele cryptografie beschermt tegen de beslissing om die hefbomen anders te gaan gebruiken, door acceptatie te verplichten waar ze feitelijk al onontkoombaar werd, intrekken waar geen misdaad tegenover staat, identiteit vragen waar niets nodig was. Die beslissingen zijn politiek en juridisch, niet technisch.

De wallet-provider moet uit handen blijven van wie die diensten en de handhaving controleert. Het gebruik dient echt vrijwillig te blijven. De opensource-eis en de certificering moeten serieus worden genomen, want dat is het venster waardoor men een stille verandering ziet aankomen. De norm rond identificatie moet bewaakt blijven, want over-identificatie is de stille weg waarlangs een vrij systeem een controlesysteem wordt; niet via een wet, maar via duizend redelijke stapjes, waarna die ene verplichtingswet ook een klein stapje is geworden.

Een wapen in de strijd tegen surveillance, of de infrastructuur van tirannie? Het is nog geen van beide, maar het kan allebei worden. Dat gaat afhangen van wat we erover kunnen afspreken.

– einde artikel –

Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand

Volg ons op social media

Kijk en beluister Gezond Verstand via

X


Dit artikel is alleen voor abonnees
Login als abonnee of abonneer je om onbeperkt alle artikelen te lezen.
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Neem een jaarabonnement en ontvang Gezond Verstand 24 thuis.
U krijgt na uw bestelling direct online toegang tot alle uitgaven.

Gerelateerde berichten

Loading...
Privacybeleid
Wanneer u onze website bezoekt, dan kan deze informatie via je browser opslaan voor specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hieronder kunt je je privacyvoorkeuren wijzigen. Houd er rekening mee dat het blokkeren van cookies van invloed kan zijn op je ervaring op onze website en de diensten die we aanbieden.