Sander Boon
De VAE stapte per 1 mei jl. uit de OPEC, wat een nieuwe fase inluidt voor de mondiale energiemarkt. De VAE geldt als een van de ambitieuzere producenten en heeft miljarden geïnvesteerd om de productiecapaciteit uit te breiden tot ongeveer vijf miljoen vaten per dag. Binnen de OPEC werden de Emiraten beperkt door productiequota, die vooral gericht zijn op prijsstabiliteit. Dat botst met de strategie van Abu Dhabi, dat juist inzet op meer volume en marktaandeel. Eerdere disputen over een hogere productie, zoals in 2021, dreigden zelfs een bredere OPEC+-deal (inclusief Rusland) te laten ontsporen. Hoewel toen een compromis werd gevonden, bleef de kloof bestaan tussen landen die prioriteit geven aan collectief marktbeheer en producenten die hun capaciteit maximaal willen inzetten. De spanningen met Saoedi-Arabië lopen al jaren, en het vertrek is in die zin een logische stap: meer vrijheid om te produceren, met als mogelijk gevolg lagere olieprijzen en meer concurrentie binnen de markt.
De VAE zet al langer in op een langetermijnstrategie van economische diversificatie om de waarde van zijn oliereserves te maximaliseren zolang de vraag nog hoog is. Zo schreef de huidige VAE-ambassadeur in de VS Yousef Al Otaiba in de Financial Times: “We hoeven niet te kiezen tussen olie en de energietransitie. We financieren het ene met het andere. (…) Het doel was nooit om een oliestaat te zijn. Het was om iets duurzamers op te bouwen – een gediversifieerde economie, een kennismaatschappij, een land met de diepgang en de partnerschappen om te gedijen in wat de wereld ook zou worden.” Hoewel deze conventionele verklaring eenvoudig en helder is, speelt er meer. De stap valt opvallend genoeg samen met de aankondiging van de Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent dat de VAE zal worden voorzien van een dollar-swaplijn, normaal alleen beschikbaar voor traditionele westerse bondgenoten. Met swaplijnen worden in liquiditeitsnood verkerende banken – zoals tijdens de kredietcrisis van 2008 en de lockdown-crisis van maart 2020 – voorzien van de benodigde dollars vanuit de VS. Bessent pleit voor nieuwe dollarfinancieringscentra in de Golf en Azië – een ontwikkeling die de traditionele rol van de City of London omzeilt. Het aanbieden van deze nieuwe swaplijn zal de Emiraten op de kaart zetten als financieel centrum, omdat de daar opererende banken nu meer risico’s kunnen nemen en voor meer financiering van handelsstromen gaan zorgen. De Emiraten hebben hun financieel centrum gemodelleerd naar Engelse rechtstradities van de City of London, om investeerders en bankiers de vrije hand te geven in financiële transacties. De VAE kan zo uitgroeien tot een nieuwe hub voor Amerikaanse dollars in de regio, met het Dubai International Financial Center als basis.
Met actieve steun van de VS beweegt de VAE dus in de richting van een model waarin olie belangrijk blijft, maar vooral als onderdeel van een verschuiving in het bredere financiële systeem. Vrijheid over olieproductie betekent vrijheid om energie te koppelen aan kapitaalstromen – bijvoorbeeld in de richting van Azië. De breuk met de OPEC plaatst de VAE nu op een geopolitiek kruispunt tussen de VS en China, waarbij het land fungeert als cruciale intermediair in een herinrichting van de mondiale financiële en energiesystemen.
China bekijkt deze ontwikkeling met argusogen. Het land importeerde veel olie uit Venezuela en Iran, stromen die door de acties van de VS zijn ondermijnd. Bovendien is China nog steeds afhankelijk van dollars voor de eigen im- en export. China, dat jarenlang heeft bestudeerd hoe een gebrek aan dollarliquiditeit de Aziatische tijgers en Japan heeft ondermijnd, is zich daarvan maar al te bewust. Hoewel die dollarkwetsbaarheid sindsdien grotendeels beheerst lijkt, speculeren analisten als Brad Setser en Michael Pettis dat China de dollarafhankelijkheid simpelweg heeft verschoven naar landen die meedoen met het Belt and Road-initiatief.
Het gaat bovendien niet goed met de Chinese economie. Die toont tekenen van verzwakking, zoals dalende autoverkopen en een winstval van 55% bij industriegigant BYD Auto. Xi heeft al meerdere keren aangekondigd de strijd aan te gaan tegen ‘involutie’, het fenomeen dat industriële subsidies hebben geleid tot een moordende concurrentie tussen Chinese producenten onderling, met als gevolg steeds dunnere winstmarges en een hogere werkdruk voor werknemers. Dat laatste heeft ook geleid tot een nieuw sociaal fenomeen onder de Chinese jongere generaties: ‘vlak blijven liggen’, oftewel je terugtrekken uit de economie. China heeft zich in de afgelopen dertig jaar door manipulatie van de eigen munt en subsidie van de industrie afhankelijk gemaakt van export en een vrije toegang tot dollars. Een strategie die – zo weet Trump – het land erg kwetsbaar heeft gemaakt.
De nieuwe geopolitieke en monetaire strategie van de Trump-regering is riskant, maar ook noodzakelijk. Het spiegelbeeld van de Chinese onderconsumptie en overproductie is namelijk de Amerikaanse overconsumptie en de-industrialisering. Beide landen weten dat dit doodlopende wegen zijn. Alleen een grote geopolitieke, economische en monetaire herschikking is in staat om de imbalansen die de globalisering de afgelopen dertig jaar teweeg heeft gebracht, tot behapbare proporties terug te brengen en een mondiale economische depressie te voorkomen. Hoewel het vertrek van de VAE uit de OPEC op het eerste gezicht dus lijkt op een klassiek conflict binnen de oliemarkt, is er in de praktijk sprake van een veel bredere verschuiving waarin energie nog steeds de macht bepaalt, maar waarin de financiële infrastructuur en liquiditeit verschuiven naar centra die inspelen op de transitie naar een multipolaire geopolitieke ordening. Voor Washington is het een manier om de kwetsbaarheden van de Chinese economie bloot te leggen zonder directe confrontatie. Voor China opent het de weg naar een geleidelijke afbouw van de afhankelijkheid van industriële export naar een meer op consumenten georiënteerde economie. Het kan gerichte geopolitieke concessies doen aan de VS in ruil voor discrete toegang tot dollarliquiditeit. Voor de Golf ligt de prikkel in de substantiële financiële opbrengsten die dit oplevert, een Amerikaanse compensatie die ruimschoots het vertrek uit de OPEC goedmaakt.
De Trump-regering heeft de verzwakte positie van de VS in een jaar tijd omgezet in een strategie die gebruikmaakt van de eigen geopolitieke positie en de mondiale rol van de dollar. De VS richt zich – zoals expliciet is verwoord in de nieuwe veiligheidsstrategie – op het veiligstellen van fysieke toeleveringsketens, herindustrialisatie en ‘vrede door kracht’. Zoals senior marktstrateeg Benjamin Picton van de Rabobank stelt, brengt lidmaatschap van deze nieuwe ordening niet alleen voordelen, maar ook verantwoordelijkheden met zich mee. Trump vraagt een wezenlijke bijdrage aan het bereiken van gemeenschappelijke geopolitieke doelen. De nieuwe doctrine van Trump is dat landen kunnen kiezen voor markttoegang, investeringsbeslissingen, toegang tot toeleveringsketens, kredietkosten en allerlei andere belangrijke factoren. De VS zet dit in als een actieve aansporing aan China om te kiezen voor een geleidelijke economische herbalancering. Het alternatief is economische stagnatie en mogelijk een groter geopolitiek conflict.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via