Skip to main content Scroll Top

De echte crisis is het feit dat niemand meer stuurt

144 De echte crisis is het feit dat niemand meer stuurt
De echte crisis is het feit dat niemand meer stuurt

Berry Aarts

Er wordt in Den Haag voortdurend gesproken over crises: de asielcrisis, de wooncrisis, de jeugdzorgcrisis, de stikstofcrisis, de vertrouwenscrisis. Elke crisis krijgt een eigen debat, een eigen commissie, een eigen zak met geld. Maar wie een paar stappen terugzet, ziet dat het niet om losse crises gaat. Het is één crisis, met vele gezichten: de Nederlandse staat heeft geen instantie meer die stuurt op de langere termijn. Lezers van Gezond Verstand zijn vertrouwd met hoe dat zo gekomen is: Nederland functioneert niet langer als een soevereine staat met eigen beslissingsbevoegdheid, omdat die aan de Europese Commissie in Brussel is afgestaan. Als discussiepunten blijven dan alleen de praktische gevolgen van die politieke verlamming over.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Kies uit een jaar– of kwartaalabonnement en ontvang de meest kritische en onafhankelijke kijk op actuele onderwerpen.
Wilt u liever digitaal lezen? Neem dan een digitaal abonnement.
U krijgt na uw bestelling direct toegang tot alle uitgaven.

In Den Haag wordt het probleem van deze stuurloosheid vertaald in het enige spel dat nog gespeeld lijkt te worden: links tegen rechts. Dat onderscheid is echter grotendeels ruis. Wat hieronder beschreven wordt, is niet het resultaat van een verkeerde ideologie, of een kwestie van corruptie of van kwade opzet. Er hoeft niemand te liegen, te stelen of samen te zweren om dit resultaat te verkrijgen. Het systeem produceert dit vanzelf, elke dag opnieuw, gewoon door hoe het is ingericht, en het links-rechts-frame verhult dat vooral, in plaats van het te verklaren.

De Tweede Kamer is het orgaan waar in theorie de lange lijnen worden uitgezet. In de praktijk doet de Kamer vooral één ding: reageren op het incident van de week. Een misstand in de jeugdzorg, een schietpartij, een falend ICT-systeem, een rapport van de Rekenkamer – voor elk incident is er een spoeddebat, een motie, een Kamerbrief. Zelden of nooit gaat het over de structuur die keer op keer dezelfde soort incidenten produceert.

Dat komt doordat de Kamer georganiseerd is rond incidenten en dossiers, niet rond systemen en doordat elk kabinet een coalitie is van partijen die elkaar op de hoofdlijnen moeten vinden, waardoor er zelden ruimte bestaat voor een visie die verder reikt dan de eerstvolgende verkiezingen. Een regeerakkoord is een compromis voor vier jaar, niet een plan voor twintig jaar.

Mark Rutte heeft dit gebrek aan richting jarenlang niet verhuld, maar juist tot uitgangspunt verheven. Vanaf zijn H.J. Schoo-lezing in 2013 tot ver in zijn premierschap bleef hij herhalen dat wie een visie zoekt “maar naar de oogarts moet gaan”. Dat was geen verspreking op de valreep van een lang premierschap: geen grote lijnen, geen blauwdrukken, alleen pragmatisch van dossier naar dossier.

Als de Kamer geen prioriteiten stelt en geen lange termijn heeft, verschuift de feitelijke sturing naar de ambtelijke top – de mensen die er wél al twintig jaar zitten, die de dossiers wél kennen, en die de facto bepalen wat er gebeurt tussen twee Kamerdebatten in. Iemand moet beslissen, en als de politiek dat niet doet, doet de ambtenarij het.

Het is een logisch gevolg van een politiek systeem dat zichzelf niet stuurt. Een ambtelijke top die niet is gekozen en geen verantwoording aflegt aan de kiezers heeft een geheel andere dynamiek dan een politicus, namelijk: continuïteit, dus liever geen verandering.

Hoe je een organisatie indeelt, bepaalt in hoge mate hoe – en of – het functioneert. Je kunt een organisatie indelen naar proces – de ene afdeling zaagt, de andere vlakt af, de andere boort – of je kunt het indelen naar product: één team dat een heel product van begin tot eind maakt en er verantwoordelijk voor is. Het venijn zit hem in de vermenging. Zodra een organisatie half proces-gestuurd en half product-gestuurd is, ontstaat er een niemandsland; taken die tussen twee afdelingen invallen, waar niemand eigenaar van is, en die daardoor structureel blijven liggen.

De jeugdhulpverlening is daar het duidelijkste voorbeeld van. Gemeenten, jeugdzorginstellingen, GGZ, onderwijs, politie en Rijk hebben ieder hun eigen stukje van het proces (indicatiestelling, behandeling, toezicht, financiering) maar niemand is eigenaar van het kind, van begin tot eind. Het resultaat is een organisatie die continu in de fik staat: elke paar maanden een nieuw incident, een nieuw rapport, een nieuwe ‘aanpak’, terwijl niemand de regie over het hele traject heeft, en dus het onderliggende probleem nooit wordt opgelost.

Een tweede laag van hetzelfde probleem zit in wie de posten bezet. Steeds vaker worden bestuurlijke functies vervuld op basis van partijpolitieke verhoudingen, netwerken of anciënniteit, en niet op basis van aantoonbare geschiktheid voor de rol.

In Nederland worden de burgemeesters benoemd, niet gekozen. Dit betekent dat de kiezer geen directe invloed heeft op wie een stad of gemeente bestuurt, en dat de burgemeester zijn/haar positie ontleent aan een benoemingsprocedure via het Rijk, niet aan een democratisch mandaat van de eigen inwoners. De burgemeester is daardoor primair verantwoording schuldig aan het systeem dat hem/haar benoemt, niet aan de mensen voor wie hij/zij werkt. Dat ondermijnt precies het lokale eigenaarschap dat je nodig hebt om verschillen tussen gemeenten – waarom de ene gemeente een rel hard aanpakt en de andere juist de-escaleert – democratisch te kunnen verantwoorden.

144 De echte crisis is het feit dat niemand meer stuurt

Hetzelfde speelt op ministerieel niveau, maar dan met grotere gevolgen. Een minister wordt benoemd op basis van de coalitiepuzzel, niet op basis van affiniteit met of ervaring in het departement. Het gevolg is een minister die formeel verantwoordelijk is, maar inhoudelijk niet in staat is om op de cruciale momenten zelf een koers te bepalen. Kijk naar Defensie: bij zware, snelle beslissingen over inzet, over dreiging, over materieel, blijkt keer op keer dat de feitelijke afweging bij de ambtelijke en militaire commandostructuur ligt, en niet bij de bewindspersoon. Wanneer een minister niet eens een persconferentie overtuigend kan voorzitten op een moment dat het land daarom vraagt, is dat geen incidentele misser. Het is een symptoom van een benoemingssysteem dat geschiktheid ondergeschikt maakt aan coalitie-rekenkunde.

Nergens is het gebrek aan langetermijnstrategieën zo zichtbaar als in de volkshuisvesting. Nederland had ooit een ministerie dat expliciet over de woningvoorraad ging en dat de opgave – hoeveel mensen, hoeveel woningen, waar en wanneer – als één samenhangend vraagstuk behandelde. Hiervan is weinig meer over. Wie nu wil weten hoe het met de woningbouw staat, belandt al snel bij cijfers van het CBS, niet bij een departement dat aanstuurt op een doel en daar verantwoording over aflegt.

Ondertussen komen alle grote dossiers die met wonen en ruimtelijk beleid te maken hebben, tegelijk op tafel: het aantal asielaanvragen en de druk die dat legt op de woningvoorraad, de structurele woningnood voor starters en middeninkomens, het stikstofdossier dat vergunningverlening voor zowel woningbouw als landbouw blokkeert, en een agrarische sector die wordt weggejaagd van grond die tot de meest productieve landbouwgrond ter wereld behoort. Dit zijn geen vier losse dossiers die toevallig tegelijkertijd spelen. Het zijn vier symptomen van hetzelfde probleem: er is geen instantie die de ruimtelijke ordening van Nederland als geheel plant, prioriteert en verdedigt over een periode van meer dan één kabinetsperiode.

Het resultaat is dat elk dossier wordt behandeld alsof het op zichzelf staat, met een eigen minister, een eigen taskforce, een eigen noodfonds, terwijl de kern van het probleem is dat niemand de optelsom maakt. Niet omdat dat te moeilijk zou zijn, maar omdat er simpelweg geen orgaan meer is dat deze taak heeft.

Het sluitstuk van dit alles is hoe de politiek omgaat met de problemen die wél worden erkend. Vrijwel nooit wordt een probleem structureel opgelost. Vrijwel altijd wordt er een bedrag – een miljard hier, een miljard daar – over de coalitietafel geschoven, van het ene departement naar het andere, van de ene regeling naar de volgende. Het geld verandert van naam en van potje, maar het onderliggende ontwerp van het systeem; wie waarvoor verantwoordelijk is, wie de regie voert, wie op de lange termijn stuurt, blijft ongewijzigd.

Dat is de kern van de systeemcrisis: niet dat er te weinig geld is en niet dat er te weinig goede bedoelingen zijn. Er is te weinig sturing. Er is geen instantie meer die verantwoordelijk is voor het geheel, die verder kijkt dan vier jaar, en die bereid is harde keuzes te maken en de politieke rekening daarvoor te betalen.

Zolang dat niet verandert, blijft Nederland van crisis naar crisis hobbelen. Niet omdat links of rechts het bij het verkeerde eind heeft, maar omdat er niemand meer is die het stuur vasthoudt. Twee graden uit de koers raken is bij een tanker al desastreus. Dat gevaar is nu groter, omdat we ook nog te maken hebben met een coalitie die geen meerderheid heeft en daardoor al vanaf het begin min of meer een demissionaire functie vervult. Dat is bedrijfsmatig gezien een rampscenario.

– einde artikel –

Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand

Volg ons op social media

Kijk en beluister Gezond Verstand via

X


Dit artikel is alleen voor abonnees
Login als abonnee of abonneer je om onbeperkt alle artikelen te lezen.
Word nu abonnee van Gezond Verstand Magazine

Kies uit een jaar– of kwartaalabonnement en ontvang de meest kritische en onafhankelijke kijk op actuele onderwerpen.
Wilt u liever digitaal lezen? Neem dan een digitaal abonnement.
U krijgt na uw bestelling direct toegang tot alle uitgaven.

Gerelateerde berichten

Loading...
Privacybeleid
Wanneer u onze website bezoekt, dan kan deze informatie via je browser opslaan voor specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hieronder kunt je je privacyvoorkeuren wijzigen. Houd er rekening mee dat het blokkeren van cookies van invloed kan zijn op je ervaring op onze website en de diensten die we aanbieden.