Richard Rijsdijk
Biomassacentrales leveren in Nederland het grootste deel van de ‘hernieuwbare, groene’ energie, ook wanneer het niet waait of als de zon niet schijnt. Dat is het enige voordeel, want de nadelen zijn enorm, zoals de exorbitante ecologische schade door het kappen van (oer)bos. De cyclus van kap en herbebossing is alleen al gezien het gebrek aan ruimte onhoudbaar.
De mythe dat we het klimaat moeten redden is zéér ongeloofwaardig. Zo’n 12.000 jaar geleden kwam er abrupt een einde aan de Grote IJstijd en smolt de ijskap die grote delen van Europa bedekte. De Brabantse Wal, nabij Bergen op Zoom, is een morene stuwwal die markeert tot hoe ver het ijs ons land ooit bedekte. Het CO₂-gehalte was met 180 deeltjes per miljoen (ppm) gevaarlijk dicht bij de ondergrens – 150 ppm – van wat planten nodig hebben om te kunnen overleven. Nog lager, en alle leven op aarde zou zijn uitgestorven. Het gemiddelde over 600 miljoen jaar ligt ruim boven de 2.000 ppm, vijfmaal hoger dan de 420 ppm van nu.
Desondanks roepen de VN, de EU en Den Haag dat we dreigen te stikken in de CO₂. Maar proeven op zowel Amerikaanse kernonderzeeërs als bij de Britse Royal Navy – waar de bemanning langdurig blootgesteld werd aan 2.000 tot 5.000 ppm – toonden aan dat dit geen enkel nadelig effect had op hun functioneren.
De totale uitstoot van CO2 binnen de EU bedraagt 3 tot 4 miljard ton en daarvan is slechts een marginale 2 %, 60 miljoen ton, afkomstig van biomassa-stook. Bovendien stoten biomassacentrales per megawattuur opgewekte elektriciteit meer CO₂ per uur uit (±1.100 kg) dan een kolencentrale (±900 kg) of een gascentrale (±375 kilo). Kolencentrales die een mix van biomassa en kolen gebruiken, komen zelfs uit op 1.300 kg. De cijfers liegen er niet om; gas gebruiken in plaats van biomassa zou de CO₂-uitstoot met 40 miljoen ton per jaar doen dalen. Met 2040 als deadline voor de CO₂-normen van het Parijse klimaatakkoord, is biomassa stoken dus duidelijk contraproductief.
De extra uitstoot bij het gebruik van biomassa noemt men ‘CO₂-schuld’. Dit moet gecompenseerd worden met miljardeninvesteringen in tijdelijke ondergrondse opvang, in uitgeputte olievelden en zoutkoepels. Het geclaimde voordeel voor het klimaat bestaat slechts op papier, mede omdat de extra CO₂-uitstoot dubbel doorwerkt; gekapte bossen vangen immers geen CO₂ op.
De omvang van de benodigde kap voor biomassa is van mythische en onhoudbare proporties. Nederlandse biomassacentrales verstoken jaarlijks 3 tot 4 miljoen ton hout. Door een misleidende herdefiniëring van de biomassanormen via EU-regelgeving groeit het volume binnenlandse biomassa schijnbaar, hetgeen de kap zou beperken. Zo’n 65 tot 75% van de biomassa komt – in de vorm van houtpellets en houtsnippers – voornamelijk uit de VS en Canada en daarnaast ook uit Scandinavië en de Baltische staten. De reststromen vanuit gekapt cultuurbos uit deze regio’s zijn daarvoor echter onvoldoende. Grootschalige, extra kap van bestaande bossen is het gevolg.
Voor een grote biomassacentrale moet jaarlijks ongeveer 100 km2 bos gekapt worden, het equivalent van de oppervlakte van een stad als Den Haag. We hebben in Nederland ruim tien grote biomassacentrales, waaronder de RWE-centrale in de Eemshaven, plus tientallen middelgrote en kleinere centrales. Tezamen verstoken ze jaarlijks zo’n 3.500-3.900 vierkante kilometer bos, ruim de oppervlakte van Overijssel (3.421 km2) en in tien jaar tijd de oppervlakte van heel Nederland.
Een gemiddeld bos heeft na kap en herbeplanting circa zeventig jaar nodig om te herstellen. Een gekapt perceel ligt gemiddeld 1,5 jaar braak voordat het opnieuw wordt ingeplant. Dit betekent dat 15% van de oppervlakte van Nederland een herbestemming moet krijgen om dat te kunnen realiseren, en bijvoorbeeld landbouwgrond om die reden verloren gaat. Alleen al de tien grootverbruikers binnen de EU tezamen vergen jaarlijks dertienmaal de oppervlakte van Nederland aan bos. Dat is ongeveer de oppervlakte van Spanje. Brussel wil in 2030 ruim een derde meer stroom uit biomassacentrales halen ten opzichte van het huidige niveau. Dan komt daar Polen nog eens bij. Op deze schaal is het onmogelijk om binnen de EU voldoende grondgebied te vinden voor herbebossing.
De mythe van het herbeplanten voor her-kap wordt geïllustreerd door het initiatief van Green Deal-ex-Eurocommissaris Timmermans. Hij beloofde in 2020 plechtig om vóór 2030 twee tot drie miljard bomen extra te planten – buiten het herbeplanten van gekapte bossen – ter bevordering van de biodiversiteit, het klimaat en de CO₂-opvang. Alles bij elkaar zou dat de oppervlakte van België zijn geweest. Daarvan is tot op heden 1% gerealiseerd. Wanneer alle biomassa voor energieopwekking uit Europa zou moeten komen, zou heel Europa in zes tot zeven jaar totaal ontbost zijn. Het toont de enorme discrepantie aan tussen wat Brussel zegt en wat in werkelijkheid de mogelijkheden zijn.
Dat energieopwekking met biomassa goede resultaten oplevert, is de volgende mythe. De Energy Return on Investment (EROI) is een verhoudingsgetal dat aangeeft hoeveel bruikbare energie geleverd kan worden ten opzichte van de totale energie die nodig is om een energiedrager – kolen, gas, hout, thorium – te winnen, te verwerken, te transporteren en om te zetten in stroom. Voor kolen is dat 1 op 30; er wordt dertig maal zoveel energie opgewekt als erin geïnvesteerd moet worden. Aardgas 1 op 25, uranium soms zelfs 1 op 100. Biomassa, afhankelijk van de aard ervan, tussen de 1 op 1 op zijn slechtst, en 1 op 20 op zijn best.
Het lage rendement van biomassa heeft met drie dingen te maken. De lage EROI is daar één van. Speciaal gekweekte biomassa vergt veel energie in de vorm van telen, bemesten, oogsten, (eventueel) drogen en verwerken. Die lage energiedichtheid impliceert dat er enorme volumes moeten worden geproduceerd én vervoerd.
Een concreet voorbeeld is hout uit het buitenland dat in de vorm van houtpellets en houtsnippers per zeeschip naar Nederland komt. Nat hout bevat typisch zo’n 50% vocht. Houtpellets moeten gedroogd worden. Van 5 ton hout blijft slechts 2,3 ton droog, te verbranden hout over. Voor niet-gedroogde houtsnippers, die dus nat in het vuur van de centrale gaan, blijft ongeveer 2,5 ton energie opleverende massa over. Bovendien stoten biomassacentrales door de onvolledige verbranding van natte massa, naast meer CO₂, ook meer fijnstof en stikstof uit dan bijvoorbeeld een kolencentrale.
De volgende mythe is dat de doodordinaire houtkachel van de particulier zeer schadelijk is voor het milieu. Een houtkachel heeft echter een veel efficiëntere verbranding dan een biomassacentrale. Brussel heeft voor houtkachels een minimumrendement van 80% opgelegd, het dubbele van wat een biomassacentrale maximaal haalt. Ook eisen aan de uitstoot van fijnstof, stikstof en andere vervuilende stoffen zijn strenger dan die van de biomassacentrales. Daar komt nog bij dat het hout dat de particulier stookt bijna altijd bestaat uit lokaal resthout, of afkomstig is uit lokale kap. Bovendien is er geen particulier te vinden die nat hout stookt.
De laatste mythe stelt dat biomassa ‘duurzaam’ zou zijn. Brussel beweert dat het verbranden van FSC-gecertificeerd hout de waarborg vormt voor duurzame kap. Maar er zijn veel gevallen van fraude en ecologisch onverantwoord beheer binnen dat systeem, vooral bij grotere bedrijven. Dat begint al bij het negeren van de eis dat de hoeveelheid herbeplanting het door de kap verloren gegane ecosysteem moet weerspiegelen, zodat het zich kan herstellen. In Brazilië bijvoorbeeld putten eucalyptus-monoculturen de lokale waterbronnen uit, waardoor traditionele gemeenschappen op zoek moesten naar nieuwe leefgebieden. Hetzelfde gebeurde in Canada, waar een hofleverancier voor biomassa voor Europa, het bedrijf Resolute Forest Products, startte met grootschalige kap zonder toestemming van de lokale, inheemse bevolking.
Wat vertel ik mijn medemens?
- Biomassa stoken veroorzaakt enorme milieuschade en ecologische schade en verhoogt de CO₂-uitstoot.
- Er wordt zoveel gekapt dat herbebossing op die schaal onmogelijk is.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via