Eric Lopes Cardozo
De oorsprong van deze handelswijze ligt in de jaren vlak na de Tweede Wereldoorlog. De toetreding tot de Europese Unie en haar voorgangers heeft geleid tot een toename in het streven om te fungeren als modelleerling. In de jaren zeventig van de vorige eeuw werd het begrip ‘Nederland gidsland’ geïntroduceerd. Het is afkomstig uit een rapport, Advies van de commissie van zes, aan het destijds permanente overlegorgaan van PvdA, D66 en PPR. Het achterliggende idee was dat er niet kon worden gewacht om iets te doen aan grote problemen in de wereld. Men begreep dat Nederland onmogelijk de problemen eigenhandig zou kunnen oplossen, maar vond dat er ter aansporing wel een begin kon worden gemaakt. Met name de mondiale milieuproblematiek vormde de basis voor het advies. De noodzakelijkheid ervan was gebaseerd op het in opdracht van de Club van Rome opgestelde, neomalthusiaanse rapport The Limits to Growth (De grenzen aan de groei).
Geheel in lijn met de ‘Nederland Gidsland’-gedachte liep Nederland voorop om het milieuprobleem en het ‘klimaatprobleem’ aan te pakken. Zo werd ten opzichte van andere EU-lidstaten de EU-richtlijn voor gevaarlijke stoffen al vroeg ingevoerd, inclusief strengere werkplekregels. Het achterliggende doel was om na te gaan hoe middels regulering van het gebruik van chemische stoffen de industrie kon worden hervormd. Nederland pakte verder een voortrekkersrol bij de implementatie van het Europese Fit for 55-pakket dat een 55% reductie van CO₂ eist tegen 2030. Nederland stelde de nationale doelstellingen echter scherper dan opgelegd vanuit de EU. Ook werd bovenop deelname aan het Emissions Trading System (ETS) een extra CO₂-heffing geïntroduceerd.
Met het in de EU-habitatrichtlijn gewortelde stikstofbeleid werd eenzelfde koers gevaren. Nederland voerde emissiereducties in die verder gingen dan vereist. Dit leidde tot de stikstofcrisis van 2019. De hieropvolgende boerenprotesten en stilstanden in de bouw werden gebruikt als testcase om te zien hoe klimaatmaatregels konden worden gebruikt om economische sectoren te herstructureren. Verder zijn resultaten van Nederlandse pilotprojecten van gasvrije wijken en duurzame steden gebruikt om EU-rekenmodellen te verfijnen. Ook hier is de onderliggende trend een overdracht van soevereiniteit. Beslissingen over landgebruik verschuiven van het nationale parlement naar experts in Den Haag en Brussel. De verschuiving naar een technocratisch geleide samenleving wordt versterkt door het gebruik van modellen en algoritmen voor het bepalen van emissies en boetes.
Op het gebied van migratie was Nederland in 2016 de architect van de EU-Turkije-deal, een overeenkomst die migratiestromen moest indammen door opvang op Griekse eilanden en snelle terugkeerprocedures. Dit initiatief stond niet op zichzelf, maar diende als pilot voor het bredere EU-migratiebeleid. Het was aan Nederland om te experimenteren met versnelde asielprocedures en grensbewaking die later werden geïntegreerd in het in 2020 overeengekomen Asiel- en Migratiepact. Het doel was om uit te vinden hoe lidstaten konden samenwerken zonder een volledige overdracht van soevereiniteit. De oplossing bood een opening naar technocratische controle middels digitale opslag van vingerafdrukken en andere biometrische gegevens.
Met de vroege adoptie van de Digital Services Act (DSA) en Digital Markets Act (DMA) uit 2022/2023 is Nederland ook koploper op het gebied van digitalisering. De DSA en DMA zijn wetten die socialemediaplatforms en datagebruik en -opslag reguleren. Ook hier deed Nederland er een schepje bovenop. Zo is de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) strenger dan de Europese NIS2-richtlijn.
Bij de in 2024 ingevoerde AI Act heeft Nederland wederom gefungeerd als testlaboratorium. Hier zijn pilotprojecten uitgevoerd met gebruikmaking van AI. Het betrof het beproeven van algoritmen voor risico-assessmentsectoren als zorg en justitie. Dat leidde tot AI-systemen waarbij geheel in tegenspraak met wetgeving, burgers werden geclassificeerd op basis van het bij elkaar rapen van data. Een sprekend voorbeeld is de nog steeds lopende toeslagenaffaire waar middels algoritmen burgers geheel onterecht werden aangemerkt als fraudeur om vervolgens te worden vermalen door de instanties. De Nederlandse toeslagenaffaire wordt aangehaald in internationale AI-opleidingen als voorbeeld van onethisch gebruik van AI.
Al in de jaren negentig diende Nederland als testgrond voor grensvrije vervoersbewegingen. Dit leidde tot pilotprojecten voor samenwerking tussen politieorganisaties die later EU-breed zijn ingevoerd. In de Covid-periode werd juist getracht om vervoersbewegingen te beperken. Hierbij fungeerde Nederland als testlaboratorium voor het gebruik van digitale gezondheidspassen, die kunnen worden gezien als de voorloper van de EU Digital Identity Wallet. De invoering van de EU Digital Wallet staat bol van de risico’s. In het kader van een opmaat naar een technocratisch geleide samenleving betreft het met name risico’s ten aanzien van het schenden van privacy ten gevolge van massa-surveillance en het ongebreideld delen van gegevens.
Ook de toekomst belooft niet veel goeds. Het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ belooft ‘grip’ op migratie, klimaat en digitalisering, maar leest als blauwdruk voor technocratische dominantie. Zo is het nieuwe kabinet van plan om de Asielnoodmaatregelenwet in te voeren. Dit plan ligt ter goedkeuring bij de Eerste Kamer. Deze wet moet in lijn zijn met het nieuwe Europese Asiel- en Migratiepact dat vanaf juni 2026 in werking treedt. De Nederlandse wet bevat echter aanvullende maatregelen bij piekinstroom. Hiermee kan worden beproefd hoe nationale grenzen technocratisch kunnen worden beheerd via data en AI-grensbewaking. De Raad van State heeft overigens geadviseerd om het wetsvoorstel in de huidige vorm niet in te dienen omdat het niet aannemelijk is dat het de instroom vermindert en juist kan leiden tot extra belasting voor de IND en de rechtspraak.
Op het gebied van klimaatmaatregelen wordt het huidige beleid gewoon voortgezet met een focus op inzet van ‘groene’ technologie en stikstofreductie. Boeren en industrieën worden onderworpen aan algoritmische monitoring. Bestaande pilotprojecten op dit vlak worden verlengd. Het betekent een verschuiving naar een centraal geleide economie waarbij vanuit de EU gestelde doelen prioriteit krijgen boven nationale belangen.
In het coalitieakkoord is de oprichting van de Nederlandse Digitale Dienst aangekondigd. Deze dienst functioneert binnen de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) waarin overheden (rijk, gemeenten, provincies) samenwerken om te komen tot een veilige, inclusieve en innovatieve digitale overheid. Dit initiatief sluit aan bij de Wet digitale overheid (voor veilig inloggen) en de eerdergenoemde Europese wetgeving via de Digital Services Act en Digital Markets Act. De Nederlandse Digitale Dienst wordt gezien als een noodzakelijke stap om de grip op de digitale transformatie binnen de publieke sector te verstevigen. Waar de Europese digitale wetten DSA en DMA leiden tot (zelf)censuur, is de Wet digitale overheid de opmaat naar een gecontroleerde toegang tot internet middels een digitale ID.
Klap op de vuurpijl is de invoering van het Federatief Datastelsel (FDS). Het FDS is een Nederlands initiatief, dat in lijn met Europese standaarden, op ‘verantwoorde’ wijze het delen van data tussen overheden, bedrijven en instellingen mogelijk moet maken. Via het FDS dienen uiteenlopende datasets, van zorg tot financiën, te worden gekoppeld. Critici waarschuwen dat het FDS de opmaat is naar de vorming van een surveillancestaat waar middels AI burgers worden geprofileerd op basis van gekoppelde data. Het achterliggende doel van het FDS is om op basis van data maatschappelijke vraagstukken op te lossen. Ook hier fungeert Nederland als testlaboratorium omdat de structuur en de opzet van het FDS kunnen dienen als blauwdruk voor een Europabrede variant. En zo speelt Nederland opnieuw zijn rol als gidsland, nu bij de transformatie van een democratie naar een technoctratisch geleide samenleving.
Wat vertel ik mijn medemens?
- Het supranationale beleid om soevereiniteit op te geven treft alle EU-lidstaten, echter het Nederlandse bestuur heeft de neiging om het beste jongetje van de klas te willen zijn.
- In het verleden hebben vele kabinetten Nederland gebruikt als testlaboratorium voor beleid, naar verwachting zal dit bij het nieuwe kabinet niet anders zijn.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via