Scroll Top

Welke macht heeft een demissionair kabinet? (Frank Stadermann)

Rutte demissionair min
Welke macht heeft een demissionair kabinet?

Frank Stadermann (oud advocaat)

Het voortijdig vallen van het kabinet Rutte waardoor het de demissionaire status heeft verkregen, doet weer de discussie oplaaien welke bevoegdheden het kabinet nu eigenlijk heeft.  Telkens weer blijkt dat daarover een flink misverstand bestaat. Dat misverstand is in niet geringe mate eerder al gevoed door – de ook toen demissionaire – premier Rutte zelf. Nadat zijn vorige kabinet was gevallen over de toeslagenaffaire en demissionair was geworden, zei Rutte in de Tweede Kamer doodleuk dat zijn kabinet nu alle gewenste maatregelen kon nemen omdat het niet meer door de Kamer naar huis kon worden gestuurd. Velen namen de uitlating serieus. Maar Rutte zelf moet geweten hebben dat zijn uitlating kant noch wal raakte zoals  hierna duidelijk zal worden.

O

ns geschreven staatsrecht staat in de eerste plaats in onze Grondwet. Maar anders dan velen denken is ons staatsrecht gebaseerd op heel veel regels die ongeschreven zijn. Ons staatsrecht is daarom flexibel. Dat valt terug te zien in de verandering van veel Haagse gebruiken. Bijvoorbeeld het afkalven van de ministeriële verantwoordelijkheid. Verloor vroeger een minister het vertrouwen van het parlement als een ambtenaar van hem een ernstige fout had gemaakt, nu mag zelfs een minister president die ronduit liegt, nog gewoon blijven zitten.

De belangrijkste geschreven regels die de Grondwet kent met betrekking tot de werking van het parlement en de ministers zijn: (1) het parlement moet de wetten en de begroting goedkeuren (art 81 e.v., art. 105); (2) de koning benoemt en ontslaat de ministers (art. 43) en (3) in geval van een conflict tussen regering en parlement kan bij Koninklijk Besluit het parlement worden ontbonden en kunnen nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven (art. 64). Met die geschreven regels moeten we het doen. Er zijn dus geen geschreven spelregels bijvoorbeeld hoe te handelen in geval van een kabinetscrisis. De gehele gang van zaken rond een kabinetscrisis is puur en alleen op gewoonte gebaseerd.

Als een kabinet het vertrouwen van een meerderheid van het parlement verliest, kan het parlement voor het kabinet het werken onmogelijk maken door alle wetsvoorstellen van het kabinet te verwerpen. Dat is het enige machtsmiddel dat het parlement officieel, dus grondwettelijk verankerd, heeft. Dat dit machtsmiddel daadwerkelijk werd aangegrepen, is in de parlementaire geschiedenis bij mijn weten nooit voorgekomen.
Het aannemen van een motie van wantrouwen, dat ook niet in de wet is geregeld, tegen een kabinet door meestal de Tweede Kamer is namelijk altijd voldoende reden voor het kabinet om zijn ontslag aan het staatshoofd aan te bieden. Strikt genomen hoeft het kabinet zich van die motie niets aan te trekken. Maar dan zou het parlement inderdaad zijn grondwettelijke bevoegdheid moeten gebruiken en het kabinet het werken onmogelijk moeten maken door alle kabinetsvoorstellen te verwerpen.

Er bestaat nog een andere manier waarop een kabinetscrisis kan ontstaan. Dat is die waarbij het kabinet het intern oneens is en uit elkaar valt. Dan is er geen sprake van een breuk in het vertrouwen van het parlement in het kabinet. Ook in dat geval biedt het kabinet zijn ontslag aan de koning aan. Met die laatstgenoemde situatie worden we nu geconfronteerd.

Je leest een gratis artikel uit Gezond Verstand #71

In dit nummer onder meer:

Rutte’s onaanvaardbare plannen voor de herfst
Gevaarlopende duurzaamheidsdoelen
De menselijke maat bij de politie
CBDC-monetair systeem gedoemd tot falen
Welke macht heeft een demissionair kabinet?

Wat er na de ontslagaanvraag aan het staatshoofd verder gebeurt is evenmin in de wet geregeld. Het staatshoofd pleegt het ontslag niet te accepteren maar neemt het verzoek om ontslag ‘in beraad’. Daarnaast vraagt hij het kabinet om voorlopig aan te blijven om “de lopende zaken af te handelen”; populair gezegd “om op de winkel te blijven passen”.  Het kabinet is dan zonder missie en wordt dan demissionair genoemd. Terwijl het staatshoofd de ontslagaanvraag in beraad houdt, wordt ingezet hetzij op nieuwe verkiezingen hetzij op de vorming van een nieuw kabinet zònder nieuwe verkiezingen. De beslissing daaromtrent wordt genomen in het Haagsche circuit. Ook daarvoor gelden geen regels, zelfs geen ongeschreven regels. Formeel heeft het parlement het laatste woord. Immers, zonder medewerking van het parlement kan ook een nieuw geformeerd kabinet niet functioneren. Het was tot voor kort een goed staatsrechtelijk gebruik dat een demissionair kabinet geen omstreden kwesties meer behandelde. Dat viel immers niet onder het begrip “op de winkel passen”. Dat gebruik erodeerde toen men ging afspreken dat alleen onderwerpen die “controversieel” werden verklaard, niet meer door het kabinet mochten worden behandeld. Of iets controversieel is, bepaalt de meerderheid in het parlement waarbij de oppositie het nakijken heeft. Ook dat staatsrechtelijk gebruik is op de vuilnisbelt beland.

We zagen dat na de val van het vorige kabinet Rutte. Nadat dat was gevallen over de toeslagenaffaire, heeft het demissionair geworden kabinet schaamteloos – tezamen met het parlement – allerlei vrijheidsbeperkende wetten tot stand gebracht, die diep ingrepen in het leven van de Nederlandse burgers. Nergens staat echter geschreven dat het kabinet in een demissionaire periode geen ingrijpende nieuwe wetten mag aanbieden, dat het zich moet beperken tot onderwerpen die niet controversieel zijn. Degene die het in zijn macht heeft om de speelruimte voor het demissionaire kabinet te bepalen, is de Tweede Kamer.

Als een kabinet, nadat het demissionair is geworden, zich niet beperkt tot de lopende zaken en nieuwe, ingrijpende wetten door het parlement weet te loodsen, ligt de eindverantwoordelijkheid daarvoor dus bij het parlement. Het is daarom onjuist te denken dat een demissionair kabinet ongestoord zijn gang kan gaan en geen boodschap heeft aan het parlement. Weliswaar blijkt in de praktijk dat het kabinet zich van zijn demissionaire status niets aantrekt. Dat komt echter doordat het parlement bestaat uit lieden die niet tegen de regering in gaan. Daarmee betoont het zich net zo kritisch als het Volkscongres van Noord-Korea. Het is niet ons staatsrecht maar ons parlement dat de premier en zijn kabinet de gelegenheid geeft zijn gang te gaan als een dictator.

– einde artikel –

Je las een artikel uit Gezond Verstand nummer 71

Volg ons op social media

Kijk en beluister Gezond Verstand via

Privacybeleid
Wanneer u onze website bezoekt, dan kan deze informatie via je browser opslaan voor specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hieronder kunt je je privacyvoorkeuren wijzigen. Houd er rekening mee dat het blokkeren van cookies van invloed kan zijn op je ervaring op onze website en de diensten die we aanbieden.