Jeroen van den Berg
Daarnaast is er een opmerkelijke verschuiving zichtbaar in de Amerikaanse strategie, waarbij Trump mogelijk bewust ruimte creëert voor een gecontroleerde exit uit het conflict. Trump koppelt namelijk het beëindigen van de oorlog niet expliciet meer aan het heropenen van de Straat van Hormuz. Dit kan erop wijzen dat Washington de lat voor succes heeft verlaagd. De uitspraken van minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio impliceren dat de oorlogsdoelen worden herijkt, waarbij zelfs wordt gesteld dat regime change in Iran feitelijk al bereikt zou zijn. Deze combinatie van retoriek en strategische dubbelzinnigheid kan worden geïnterpreteerd als een klassieke exit-tactiek; door doelstellingen vaag te maken, of achteraf te herdefiniëren, ontstaat politieke ruimte om het conflict te beëindigen.
De diplomatieke inspanningen rond de oorlog zijn weliswaar identificeerbaar, maar lijken vooralsnog in de praktijk weinig effect te sorteren en zijn grotendeels symbolisch. Zo wordt Pakistan genoemd als potentiële bemiddelaar, waarbij de Pakistaanse minister van Buitenlandse Zaken al gesprekken voerde met landen als Saoedi-Arabië, Turkije en Egypte om vormen van staakt-het-vuren te verkennen. Ook zou er steun zijn vanuit China voor deze bemiddelingspogingen, evenals ideeën om de doorgang door de Straat van Hormuz te reguleren. Deze voorstellen zijn nauwelijks realistisch, omdat Iran juist de controle over die zeestraat gebruikt als strategisch drukmiddel en daarom weinig reden heeft om hierin toe te geven. Daarnaast zijn er tegenstrijdige signalen rond mogelijke Chinese bemiddeling. Westerse media suggereren dat Iran een Chinees initiatief zou hebben afgewezen, maar concrete bevestiging vanuit Chinese bronnen ontbreekt. Dit voedt de indruk dat dergelijke berichten onderdeel kunnen zijn van geopolitieke framing. Wat wel duidelijk naar voren komt, is dat China via de staatsmedia oproept tot een de-escalatie en expliciet de Verenigde Staten en Israël verantwoordelijk houdt.
Daarnaast spreekt Trump wel over onderhandelingen, maar combineert hij dit met een dreigende toon en militaire escalatie, wat de geloofwaardigheid van diplomatie ondermijnt. Iran wijst op zijn beurt onderhandelingen af en stelt zware voorwaarden, terwijl het militair initiatief behoudt. De Russische president Poetin heeft zich meerdere keren uitgesproken, maar vooral in diplomatieke en voorzichtige termen. Hij noemde de uitkomst van de oorlog “moeilijk te voorspellen” en waarschuwde voor grote mondiale gevolgen. Rusland heeft daarnaast een duidelijke geopolitieke boodschap afgegeven door een olietanker met circa 100.000 ton ruwe olie naar Cuba te sturen als humanitaire hulp, ondanks de zware Amerikaanse sancties en economische blokkade tegen het eiland. De levering is bedoeld om de acute energiecrisis in Cuba te verlichten, waar stroomuitval, brandstoftekorten en zelfs stilgevallen ziekenhuizen de situatie nijpend maken. Opvallend is dat de VS deze beperkte humanitaire leveringen formeel toestaat.
De Amerikaanse vicepresident JD Vance heeft in een gespannen telefoongesprek met Benjamin Netanyahu scherpe kritiek geuit op de manier waarop de oorlog tegen Iran aan Trump was gepresenteerd. Netanyahu zou de kans op een snelle en eenvoudige overwinning, inclusief regime change, veel te rooskleurig hebben voorgesteld. Vance benadrukt dat belangrijke aannames niet zijn uitgekomen en dat het Iraanse regime, ondanks zware klappen, nog steeds stevig in het zadel zit. Dit wijst op mogelijke interne spanningen binnen de Amerikaanse leiding, waarbij Vance zich profileert als kritischer en terughoudender ten opzichte van een langdurige oorlog. Dit voedt de interpretatie dat binnen de regering-Trump wordt gezocht naar een diplomatieke uitweg, waarbij Vance mogelijk een sleutelrol speelt in het herijken van de doelstellingen en het voorbereiden van een exit-strategie uit het conflict.
Uit Israëlische militaire bronnen blijkt dat een groot deel van de Iraanse raketten, mogelijk tot wel 80%, door de Israëlische en Amerikaanse luchtverdediging heen komt en daadwerkelijk doelen raakt. Dit wijst op structurele kwetsbaarheden in systemen die lange tijd als vrijwel ondoordringbaar werden beschouwd, zoals Patriot en THAAD. De verdediging raakt verzadigd door massale aanvallen, gecombineerd met het uitschakelen van radarsystemen en coördinatiecapaciteit in de regio. Volgens kopstukken van het Israëlische leger stevent Israël af op een militaire ineenstorting. Iran laat zien dat het beschikt over een combinatie van ballistische raketten, drones en asymmetrische tactieken die moeilijk te neutraliseren is. Israëlische aanvallen op Iraanse industriële doelen, zoals staalfabrieken, onderstrepen dat ook civiel ogende infrastructuur een militair-strategisch doelwit is, vanwege de rol in de wapenproductie. Iran reageert hierop met tegenaanvallen op kritieke infrastructuur, waaronder water-ontziltingsinstallaties, wat de oorlog verder richting totale ontwrichting duwt. Een cruciaal militair punt is dat de Verenigde Staten zich in een ongebruikelijke positie bevinden door het ontbreken van gegarandeerd luchtoverwicht. Historisch gezien opereren Amerikaanse grondtroepen vrijwel altijd onder volledige controle van het luchtruim, maar de Iraanse capaciteit op het gebied van drones en raketten maakt dit onzeker. Dit vergroot de risico’s van eventuele grondoperaties aanzienlijk. Daarnaast blijkt dat de VS te zwaar leunt op elite-eenheden, terwijl grootschalige conventionele oorlogsvoering andere capaciteiten vereist.
- Het artikel gaat hieronder verder -
De Gift Card is een leuke manier om Gezond Verstand een kwartaal of een jaar lang cadeau doen. De Gift Card is digitaal verkrijgbaar én als pasje met daarop een unieke code + een feestelijke cadeau-enveloppe.
Abonnees krijgen 15% korting!
Gezond Verstand 6x cadeau doen
Op papier én digitaal
Normaal €24,- voor abonnees €20,-
Gezond Verstand 24x cadeau doen
Op papier én digitaal
Normaal €80,- voor abonnees €70,-
De Verenigde Staten hebben zware verliezen geleden na een grootschalige Iraanse aanval op de Prince Sultan luchtmachtbasis in Saoedi-Arabië, waarbij gebruik is gemaakt van een combinatie van ballistische raketten en drones. Daarbij zouden meerdere Amerikaanse militairen zijn omgekomen en gewond geraakt, terwijl ook strategisch materieel aanzienlijke schade heeft opgelopen. Dit incident onderstreept hoe kwetsbaar de zwaarbeveiligde Amerikaanse installaties in de regio zijn voor geavanceerde en gecoördineerde aanvallen. Iran gebruikt steeds nadrukkelijker vormen van asymmetrische oorlogsvoering, waarbij niet alleen directe aanvallen worden uitgevoerd, maar ook bondgenoten en proxygroepen worden ingezet om de druk op te voeren. Een belangrijke ontwikkeling is de toetreding van de Houthi-beweging uit Jemen tot het conflict. Deze door Iran gesteunde groep heeft raketaanvallen op Israël uitgevoerd, waarmee het strijdtoneel zich verder uitbreidt en een nieuw front wordt geopend. Dit vergroot de kans op een kettingreactie, waarbij ook andere regionale spelers zich gedwongen voelen positie te kiezen. De combinatie van directe militaire confrontaties en indirecte aanvallen via bondgenoten maakt het conflict complexer en moeilijker te beheersen. Daarmee groeit het risico dat de situatie uitmondt in een grootschalige regionale oorlog, met verstrekkende gevolgen voor de stabiliteit in het Midden-Oosten en daarbuiten, zowel geopolitiek als economisch.
Iran hanteert inmiddels een opvallende economische strategie door zijn olie-export expliciet te koppelen aan betaling in Chinese yuan in plaats van de Amerikaanse dollar. Rond de Straat van Hormuz is Teheran bereid om beperkte doorgang voor olietankers toe te staan, maar alleen onder voorwaarde dat de olie in Chinese valuta wordt afgerekend. Dit markeert een directe uitdaging voor het zogeheten petrodollarsysteem, dat decennialang de basis vormde van de Amerikaanse financiële dominantie. Door de yuan als transactievaluta te eisen, probeert Iran niet alleen sancties te omzeilen, maar ook zijn positie binnen een groeiend blok van niet-westerse economieën te versterken. Deze stap creëert een nieuw geopolitiek spanningsveld, omdat landen die afhankelijk zijn van Iraanse olie feitelijk worden gedwongen zich aan te passen aan een alternatieve financiële infrastructuur.
De USS Gerald R. Ford, het meest geavanceerde vliegdekschip van de Amerikaanse marine, is momenteel langdurig uit de roulatie na een grote brand aan boord tijdens de recente Amerikaans-Israëlische operaties in Iran. Officieel zou het gaan om een brand in de wasserij, maar de omvang van de brand – die naar verluidt circa dertig uur woedde – roept vragen op over de betrouwbaarheid van de interne veiligheidssystemen. Het schip, dat al berucht was om technische problemen, zoals falende liften, slecht werkende radarsystemen en defect sanitair, moet mogelijk twaalf tot veertien maanden lang worden gerepareerd. De lange inzet van meer dan 260 dagen en eerdere operaties, waaronder missies rond Venezuela, hebben de slijtage vermoedelijk verergerd. Ook zijn er berichten van sabotage door de bemanning. Daarnaast wijst een Pentagon-rapport op structurele tekortkomingen en onvoldoende operationele capaciteit. Het tijdelijk wegvallen van dit cruciale schip zet extra druk op de marinevloot.
De recente Israëlische aanvallen in Zuid-Libanon, met name op infrastructuur rond de Litani-rivier, moeten niet alleen worden gezien als tactische acties tegen Hezbollah, maar passen ook binnen een bredere strategische logica, waarin vitale voorzieningen steeds vaker doelwit worden. Zo heeft Israël bruggen over de Litani vernietigd en operaties uitgebreid tot het gebied ten zuiden van deze rivier, officieel om bevoorradingsroutes van Hezbollah af te snijden en een bufferzone te creëren. Bovendien speelt er een escalerende wateroorlog. Iran heeft namelijk gedreigd – en deels al laten zien – dat het ontziltingsinstallaties in de Golfregio kan aanvallen, die essentieel zijn voor de drinkwatervoorziening van landen als Bahrein en Koeweit. In dat licht krijgt het treffen van infrastructuur rond de Litani een extra dimensie, omdat deze rivier een van de belangrijkste zoetwaterbronnen van Libanon vormt. Door logistieke knooppunten en water-gerelateerde infrastructuur in dit gebied uit te schakelen, wordt niet alleen de militaire bewegingsruimte van Hezbollah beperkt, maar ontstaat ook druk op de civiele watervoorziening in een regio die toch al kwetsbaar is.
Iran overweegt zich terug te trekken uit de Non-Proliferation Treaty (NPT), een internationaal verdrag uit 1968, bedoeld om de verspreiding van kernwapens te voorkomen, terwijl het landen wel het recht geeft op vreedzaam gebruik van kernenergie onder toezicht van internationale inspecties. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken bespreekt het Iraanse parlement concrete stappen in die richting. In Teheran groeit de overtuiging dat deelname aan het verdrag weinig waarde heeft als het land niet de beloofde rechten kan benutten. De introductie van een nieuw bankbiljet in Iran van 10 miljoen rial onderstreept de ernstige inflatie en monetaire druk in het land. Hoewel het biljet bedoeld is om transacties te vereenvoudigen, laat het vooral zien hoe sterk de munt in waarde is gedaald. Omgerekend vertegenwoordigt 10 miljoen rial namelijk slechts circa 15 tot 20 Amerikaanse dollar. Dit illustreert hoe beperkt de koopkracht van de nationale valuta inmiddels is geworden. De maatregel past in een bekend patroon waarbij landen in inflatoire periodes steeds hogere coupures uitgeven om het betalingsverkeer praktisch uitvoerbaar te houden.
De maatschappelijke realiteit in Iran wordt in het Westen vaak sterk vereenvoudigd en geframed als onderdrukkend, homogeen en achtergesteld, terwijl de werkelijkheid veel gelaagder en cultureel anders is. De Iraanse samenleving is diepgeworteld in een eeuwenoude beschaving, waarin gemeenschap, familiebanden en spiritualiteit een centrale rol spelen. Waar in het Westen individualisme en persoonlijke vrijheid de boventoon voeren, ligt in Iran de nadruk meer op collectieve waarden, eer en sociale verantwoordelijkheid. Dit vertaalt zich bijvoorbeeld in een andere kijk op normen rond kleding, gedrag en publieke moraal. Wat in Europa als beperking wordt gezien, zoals de hoofddoek, wordt binnen delen van de Iraanse samenleving ook geïnterpreteerd als een vorm van sociale orde en culturele identiteit, vergelijkbaar met bepaalde ongeschreven dresscodes in het Westen. Daarnaast is het beeld van de positie van vrouwen in de Iraanse samenleving genuanceerder dan vaak wordt aangenomen. Hoewel er duidelijke beperkingen bestaan binnen politieke en religieuze structuren, zijn vrouwen tegelijkertijd breed vertegenwoordigd in onderwijs, wetenschap en professionele sectoren. Deze paradox laat zien dat maatschappelijke participatie niet een-op-een samenvalt met politieke rechten, iets wat in het Westen vaak moeilijk te begrijpen is. Ook de rol van religie verschilt fundamenteel. In Iran is religie niet slechts een privézaak, maar verweven met politiek, rechtspraak en het dagelijks leven. Dit betekent echter niet automatisch dat de samenleving als geheel star of dogmatisch is; integendeel, er bestaat een levendige intellectuele cultuur, waarin filosofie, wetenschap en debat een belangrijke plaats innemen. Wat voor westerlingen soms als tegenstrijdig of hypocriet overkomt – streng in het openbaar, vrijer in de privésfeer – is eerder een andere manier om balans te vinden tussen collectieve normen en individuele expressie. Hoewel homoseksualiteit in Iran juridisch verboden is en bestraft kan worden, betekent dit in de praktijk niet dat homoseksuele geaardheid onzichtbaar is in de samenleving. Mojtaba Khamenei, zoon en opvolger van de vermoorde hoogste leider Ali Khamenei, is openlijk homoseksueel.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via