Bert Timmermans
Terwijl een groot deel van de wereld zich aan het horrorverhaal over het klimaat weet te onttrekken, blijft de Europese Unie gevangen in het ‘klimaatgeloof’. Volgens de Europese Commissie is ‘Moeder Aarde’ op weg naar haar einde, en daar kan alleen nog maar wat aan worden gedaan door krachtig in te grijpen.
De belangrijkste reden waarom Brussel aan dit narratief blijft vasthouden, is dat het klimaat een religie is geworden. Met profeten en ketters, dogma’s en sacramenten, zonden en verlossing, een apocalyptisch eindtijdverhaal en een institutionele kerk die de leer bewaakt. Wie dat hardop zegt, wordt doorgaans in één adem weggezet als iemand die de ernst van dit ‘klimaatprobleem’ ontkent. Maar juist dat automatische afwijzen is veelzeggend. Het is precies hoe orthodoxen altijd hebben gereageerd op onwelkome boodschappen.
Religies versterken zich met profeten die ver vooruitkijken, het onheil aankondigen en de mensen oproepen tot bekering. In het klimaatactivisme zijn een aantal zulke figuren opgevallen. Al Gore kondigde in 2006 het einde aan, niet als zijn veronderstelling, maar als absolute zekerheid. Greta Thunberg riep in Davos: “Ik wil dat je in paniek raakt, dat je de angst voelt!” Dit is natuurlijk geen wetenschappelijke taal, het is preektaal. Het is de stem van Jesaja, die uitriep: “Wee het zondige volk, de schuldige natie!” Een bekende profeet is ook António Guterres, de huidige secretaris-generaal van de Verenigde Naties. Hij kondigde een nieuw tijdperk aan van ‘global boiling’. Hij stelde dat de lucht ‘onadembaar’ zal worden en de hitte ondraaglijk. Als een rasechte profeet gebruikte hij dramatische taal om een urgentie te creëren en het belang van de klimaatreligie te onderstrepen.
De ‘klimaatkerk’ beschikt zelfs over heuse ‘pausen’. Zoals klimaatpaus Ed Nijpels die krachtig bijdroeg aan de klimaatgeloofsleer in Nederland. Of klimaatpaus Frans Timmermans, zijn Green Deal bestaat nog steeds met als doelstelling om in 2050 ‘klimaatneutraal’ te zijn.
Een profeet spreekt niet om te informeren, maar om te transformeren, om urgentie te scheppen die het gezonde verstand overstijgt. We zien dan ook dat de klimaatkerk haar profeten inzet om paniek te zaaien en ketters het zwijgen op te leggen. Zij verbreiden de boodschap dat de door de mens veroorzaakte klimaatverandering de grootste crisis aller tijden is. Het bedreigt de toekomst van de planeet en onze generatie is de laatste die daar nog iets aan kan doen. De klimaatprofeten wijzen dreigend op de verwoestende effecten van klimaatverandering op de wereldwijde voedselvoorziening, de migratie, conflicten en het ontstaan van vreselijke ziekten. Orkanen, overstromingen en aardverschuivingen zullen de aarde volledig verwoesten.
Een hoofdzonde in de nieuwe geloofsleer is de menselijke consumptiedrang door het rijden in brandstofaangedreven auto’s, vliegen, eten van vlees en het verbranden van zogenaamd fossiele brandstoffen. De ‘gelovige’ moet deze zonden uiteraard belijden en afzweren. Hij moet zijn ‘carbon footprint erkennen’ zoals de middeleeuwse gelovige zijn gewetensrekening bijhield. Wat opvalt aan deze morele architectuur is het gesloten karakter. Er is geen enkele ruimte voor het grijze gebied, de nuancering, voor de afweging, voor de vraag of de kosten van klimaatbeleid wel opwegen tegen de baten. Wie een kosten-batenanalyses voorstelt, is onmiddellijk verdacht en wordt per direct van de sociale media afgegooid. Want de Apocalyps duldt geen boekhoudkundige benadering. “Er zijn geen grijze gebieden als het op overleven aankomt”, preekte Thunberg. Hiermee sloot zij het debat af nog voordat het kon beginnen. Wat ze zei geeft een helder inzicht in wat een dogma is. Die is namelijk niet weerlegbaar, omdat de weerlegging zelf als bewijs van kwade trouw wordt beschouwd. Want wie twijfelt is een ketter en wie pragmatisch denkt ondermijnt de verlossing.
Die ‘zondaar’ zal in de klimaatreligie te maken krijgen met het fenomeen factchecker. Dat is de nieuwe naam voor inquisiteur. Deze inquisiteur bewaakt de zuiverheid van de klimaatleer, definieert wat klimaatketterij is en gebruikt het gezag van instituties (zoals het IPCC) om afwijkingen te bestraffen. Wat factcheckers gemeen hebben met de inquisiteur is dat ze de grenzen van het toelaatbare streng bewaken.
Elke religie bouwt ook een institutie. Het IPCC, het intergouvernementele klimaatpanel van de Verenigde Naties, functioneert als de curie van het klimaatgeloof: het is de instelling die bepaalt wat de orthodoxe klimaatleer is en wat ketterij.
Wetenschappers die publiceren buiten de zogenaamde consensus worden gecorrigeerd, gemarginaliseerd, actief tegengewerkt of volledig uitgesloten. De klimaatwetenschapper Michael Mann, bekend van de beruchte ‘hockeystick-grafiek’, sleepte collega’s die zijn werk bekritiseerden voor de rechter. Dit is geen wetenschappelijk debat meer maar excommunicatie, de straf die de klimaatkerk toepast om een ‘afvallige’ formeel uit te sluiten van de klimaatgemeenschap.
Deze mag niet meer deelnemen aan ‘wetenschappelijke discussies’, niet in talkshows van de mainstream-media verschijnen, geen wetenschapssubsidies ontvangen, geen artikelen meer publiceren en bepaalde functies (zoals hoogleraar) niet vervullen. In het ergste geval wordt zelfs zijn bankrekening afgesloten. De klimaatinquisitie gebruikt deze methode namelijk om iemand als paria volledig uit de samenleving of maatschappij te kunnen verstoten.
De emissiehandel is de moderne aflaat: wie genoeg betaalt, koopt zijn zonde vrij. Ketters worden niet meer verbrand, maar worden wel weggezet als ‘ontkenners’. Dit is retorisch geweld: het plaatst de andersdenkende buiten het moreel toelaatbare, zodat inhoudelijke discussie overbodig wordt. Keert de zondaar terug op zijn schreden, dan moet hij het heilige sacrament van de klimaatkerk erkennen en dat is dat CO₂ een gifgas en een vervuiler is, een kwaad dat moet worden uitgebannen. Daar, zo zeggen de klimaatschriftgeleerden, mag niet aan getwijfeld worden, dat is immers de dwingende ‘consensus’ waar iedere klimaatgelovige naar dient te leven. Geregeld heeft Gezond Verstand bewezen dat dit aantoonbaar onjuist is. CO₂ is een kleurloos, reukloos gas dat essentieel is voor alle plantaardige leven op aarde.
Er zijn serieuze klimaatwetenschappers – buiten de IPCC-consensus – die wijzen op het primaat van de zon als klimaatbepalende factor, op het feit dat een gedetailleerde analyse van Antarctische ijskernen laat zien dat temperatuurstijgingen historisch gezien voorafgaan aan CO₂-stijgingen en niet omgekeerd. Dit zijn wetenschappelijke argumenten die in de praktijk onbesproken blijven, precies zoals ketters vroeger niet gehoord werden.
Het IPCC zelf erkent, weliswaar in voetnoten die niet zijn opgenomen in de catechismus van de klimaatkerk en zelden vanaf de klimaatkansel worden verkondigd, dat voor veel weersextremen de zekerheid over menselijke invloed als oorzaak ‘laag’ of ‘medium’ is. Dat staat ver af van het absolute zekerheidsvocabulaire dat de hoeders van de klimaatkerk, zoals ministers, Kamerleden, media en de rechterlijke macht, hanteren. Zelfs de instituties die de consensus bewaken zijn intern genuanceerder dan de publieke boodschap suggereert. Maar nuance past niet in een Apocalyps.
Helaas heeft het klimaatgeloof van de klimaatkerk politieke consequenties die het leven van miljoenen mensen direct raken. Het ‘net zero’-beleid – de doelstelling om de menselijke CO₂-uitstoot naar nul te brengen – is inmiddels de leidraad van de Europese hogepriesters in Brussel. Miljarden aan belastinggeld vloeien naar energietransities die burgers met lage en middeninkomens zwaarder treffen dan de vermogenden.
Een laatste hier te bespreken kenmerk van een religie, dus ook die van de klimaatkerk, is het enorme standsverschil tussen de hogepriesters en het eenvoudige volk. Dat behoort immers boete te doen door een sobere levensstandaard aan te houden, terwijl de hogepriesters zwelgen in luxe en comfort. Want een religie die offers eist, doet dat altijd van anderen. De hoge klimaatpriesters vliegen naar klimaattoppen in Davos en Sharm El Sheikh of gebruiken privéjets met name voor de korte afstand.
Een sterk in het oog springende hoge klimaatpriester is Paul Rosenmöller. Een sobere levensstandaard en een rem op uitbundig reizen heeft hij niet. De politicus en oud ABP-bestuurder vliegt zelfs dusdanig frequent met de KLM dat de luchtvaartmaatschappij hem de ‘Platinum’-status toekende. “Het is een ecologische en economische noodzaak de CO₂-uitstoot fors te reduceren”, zei Rosenmöller nog in 2006. Hij is een van die hogepriesters die de burger opdragen om van het gas af te gaan, vliegvakanties te vermijden, op de meest onhandige uren de was te doen, de thermostaat een graadje (of twee?) lager te zetten en de benzineauto in te leveren, om daarmee het ultieme offer te brengen.
Dit is het klassieke patroon van de uitverkoren hoge klimaatpriesters die de armen hun zonden aanrekenen terwijl zijzelf de biecht horen in de kathedraal. U bent een afvallige als u het eens bent met bovenstaande analyse.
Wat vertel ik mijn medemens?
- De klimaatkerk zet haar profeten in om paniek te zaaien en ketters het zwijgen op te leggen.
- Factchecker is de nieuwe naam voor inquisiteur, die de grenzen van het toelaatbare streng bewaakt.
- De emissiehandel is de moderne aflaat: wie genoeg betaalt, koopt zijn zonde vrij.
– einde artikel –
Je las een Premium artikel uit Gezond Verstand
Volg ons op social media
Kijk en beluister Gezond Verstand via